De Zoon van Maria

Baby’s zijn prachtige wezens! Ze hebben ogen die kunnen zien en oren die kunnen horen, ze hebben hersenen die deze beelden en geluiden kunnen verwerken, en ze hebben een geest met het vermogen om alles samen te voegen met een intelligente betekenis. Naarmate deze baby’s ouder worden, groeien ze uit tot kinderen, tieners en uiteindelijk volwassenen die bekwame wetenschappers, creatieve ambachtslieden, wijze leraren en diep spirituele ouderlingen worden. En Maria’s Baby was een van deze prachtige, gloednieuwe mensen met alle potentie die elke baby heeft op het moment dat hij voor het eerst ter wereld komt.

Maar wie was Hij?

Laten we beginnen met het feit dat Hij een zeer ongebruikelijke start in zijn leven had: zijn moeder was maagd. Hoe kan een maagd nu bevallen als zowel een man als een vrouw nodig zijn om een ​​nieuw kind ter wereld te brengen? Lucas vertelt ons dat de engel Gabriël vanaf Gods troon naar Maria kwam en zei: “Gegroet, gij begenadigde des Heren! De Heer is bij u. . . . U zult zwanger worden en een zoon baren, en u moet hem Jezus noemen” (Lukas 1:28, 31).

Maria was verbijsterd. “Hoe zal dit zijn”, vroeg ze, “aangezien ik maagd ben?”

‘De Heilige Geest zal over u komen’, antwoordde Gabriël, ‘en de kracht van de Allerhoogste zal u overschaduwen’ (verzen 34, 35). Door een wonder van goddelijke genade en kracht zou God een embryo in de baarmoeder van Maria plaatsen. Met andere woorden: Jezus zou geen menselijke vader hebben. Zijn Vader zou niemand minder zijn dan God! Dit is onze eerste stap om te begrijpen wie Maria’s Baby was.

Hij had geen menselijke vader. Zijn Vader was God.

We vinden nog een aanwijzing voor de identiteit van Jezus in iets anders dat Gabriël tegen Maria zei: Uw Zoon “zal groot zijn en de Zoon van de Allerhoogste genoemd worden. De Heer God zal hem de troon van zijn vader David geven, en hij zal voor altijd over Jakobs nakomelingen regeren; zijn koninkrijk zal nooit eindigen” (verzen 32, 33). Elke Jood zou die taal begrijpen. Gabriël vertelde Maria dat haar Zoon de langverwachte Messias zou zijn! We weten nu dus twee dingen over Jezus:

Hij had geen menselijke vader. Zijn Vader was God.

Hij was de Messias.

Maria had beloofd te trouwen met een timmerman in haar geboorteplaats Nazareth, wiens naam Jozef was. De Bijbel vertelt ons niet of Maria Jozef vertelde over het bezoek van Gabriël, of dat hij hoorde van haar zwangerschap toen ze zich begon te ‘ontwikkelen’, maar hij kwam erachter, en de Bijbel zegt dat ‘hij van plan was om stilletjes van haar te scheiden’. (Mattheüs 1:19). Dus kwam Gabriël opnieuw tussenbeide, en deze keer kwam hij in een droom naar Jozef. ‘Jozef, zoon van David,’ zei hij, ‘wees niet bang om Maria als je vrouw mee te nemen, want wat in haar verwekt is, komt van de Heilige Geest. Zij zal een zoon baren, en jij moet hem de naam Jezus geven, omdat hij zijn volk van hun zonden zal redden” (20, 21).

De naam Jezus komt van het Hebreeuwse woord Jozua, wat ‘Jehovah is redding’ betekent, en daarom is de naam Jezus zeer toepasselijk voor Degene die ‘zijn volk van hun zonden zou redden’. Maria’s Baby zou dus niet alleen een groot Leider zijn die een eeuwig koninkrijk zou vestigen. Hij zou ook een Verlosser van de zonde zijn. Laten we nu deze ideeën samenbrengen:

Jezus had God als Zijn Vader, wat betekent dat Hij een goddelijk Wezen was.

Hij was de beloofde Messias.

Hij zou de mensen van hun zonden redden.

De tekst van deze nieuwsbrief is een stukje uit de folder C54F – “Wie Hij was”– waar je de rest van het artikel kunt lezen. Prachtige inspirerende gedachten uit de Bijbel voor geloofsverdieping, verdeeld over 10 mappen (Geloof, Bijbel, Schepping, Zonde, Verlossing, Bekering, Toekomst, Profetie, Beloften en HouVast) – elk uitgelegd in ongeveer 30 folders per map. Deze tekst maakt deel uit van C54F – Je kunt de complete folder downloaden onder “Download flyers” in Map 2 – De Bijbel.

God nemen op zijn woord

Het is voor veel mensen moeilijk om God te nemen op zijn woord. Veel mensen hun geest is bestormd met zoveel verwarrende gedachten, dat zij nog nauwelijks een eigen geloof kunnen vormen. Wat biedt God als middel tot genezing? 

De vraag waarom er zoveel verschillende christelijke kerken en waarom er zoveel tegenspraak is tussen al die groepen, is iets wat me zo dikwijls is gesteld. Jaren geleden bezorgde het me kopbrekers en veroorzaakte het opstandigheid. Waarom hebben godsdiensten zoveel aanleiding gegeven tot oorlogen en conflicten? Wat een verschil met het optreden van Jezus die zei dat als je een klap krijgt op je ene wang, je de andere ook moet aanbieden.  

Het naleven van Jezus’ principes is geen kleinigheid en snel worden compromissen gemaakt. Ja, als je de Bijbel leest, zijn er een aantal dingen die je niet goed uitkomen en waar je liefst een bocht omheen maakt. Je zoekt verontschuldiging en je sluit aan bij die groep die het beste verklaart waarom dit niet van toepassing is. In al die compromissen vinden we het ontstaan van al die verschillende groepen die 50 of 90 % van de waarheid nemen, maar 2, 5, 10 of 50 % in twijfel trekken, of onderwijzen als achterhaald of veranderd.

Gods Kerk heeft zich door de eeuwen heen gehandhaafd. Het is een “klein kuddeke” (Lucas 12:32), Neen, het zijn geen honderden miljoenen mensen, zelfs al goochelen wij graag met cijfers over christenen in de wereld. God is Zijn belofte altijd trouw gebleven, dat “de poorten van het dodenrijk zijn kerk niet zullen overweldigen”. (Matteüs 16:18)

Heb je er bij stilgestaan dat veel christenen Gods waarheden prijsgeven ten gunste van eenheid en traditie? In plaats van God op zijn woord te nemen, krijg je langzaam maar zeker de afbrokkeling van essentiële punten die Gods volk zo onderscheiden. 

Als je aan mensen vraagt of Gods wet nog bindend is, krijg je meestal bevestiging. Alleen is die wet gewijzigd door mensen… En welke wet moet je dan houden?

De tekst van deze nieuwsbrief is een onderdeel van de inleidende folder 1G / Geloof. (Dat doet je leven) Het is een nieuw project met een wekelijkse digitale folder. Prachtige inspirerende gedachten uit de Bijbel voor geloofsverdieping, verdeeld over 10 mappen (Geloof, Bijbel, Schepping, Zonde, Verlossing, Bekering, Toekomst, Profetie, Beloften en HouVast) – elk uitgelegd in ongeveer 30 folders per map. Deze tekst maakt deel uit van 1G . Je kunt de folder downloaden onder “Download flyers”. 

Doorheen deze serie loodsen we jou doorheen de Bijbel en het christelijke geloof. Het heeft zoveel te bieden… Het oorspronkelijke plan. Hemelse liefde. 

Benieuwd wat er nog meer komt? Wil je dit werk ondersteunen? Stel je vragen op info@natur-el.org

Waar geloven om gaat

“Als men spreekt over “geloof en gelovig zijn” denken velen aan een christelijke kerk, zij het Rooms Katholiek of Protestants. De Heilige Schrift echter spreekt niet over en verwijst ook niet naar welke kerk ook. Als de Bijbel het heeft over “geloof en geloven”, wil God de aandacht vragen voor wat Hij de mens aanbiedt, voor wat de condities zijn voor een diepgaand en heilzaam leven.

De geschiedenis bewijst overvloedig dat welke kerk ook, slechts een verzameling is van individuen die een theorie aanvaard hebben, eigen aan de kerk waarvan zij lid zijn. Velen van hen zijn zich zelfs niet bewust van de betekenis van wat ze geloven. Vaak is men zelfs niet trouw aan de leer van de kerk waartoe men behoort.

De bron van geloof- en levenskracht wordt niet gevonden in een mens, wie of wat hij ook mag zijn of van zichzelf beweert te zijn. Jezus zegt dat de geloofsbron alleen gevonden wordt in elk woord dat van God uitgaat. (Matteüs 4:4;  Psalm 119:105;  Spreuken 6:21,22,23)

Het is dan ook noodzakelijk de woorden van God (de goddelijke geloofsregels) te leren kennen en ze in alle eenvoud gelovig te aanvaarden, er niets aan toe te voegen en er niets van af te doen.(zie:Openbaring 22:18-19; Spreuken 30:5-6;  Deuteronomium 12:32; Deuteronomium 4:2;  Matteüs 5:17-19) 

Om die reden vraagt Jezus elk woord van God te aanvaarden, te beleven en anderen erin te onderwijzen.

Wanneer iemand slechts een stukje van het geheel aanbiedt en met de rest geen rekening houdt, legt deze persoon een vernietigende basis in wat hij brengt. Dan zal de levenskracht van dat Bijbelgedeelte zijn waarde verliezen. Dan zal de herscheppende energie van de ware christelijke leer, de dynamische kracht van het leven, slechts gebrekkig of helemaal niet ervaren worden. Het is terecht dat Paulus bevestigt:

        Heel de Schrift is door God ingegeven en is nuttig om daarmee te onderwijzen, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de rechtvaardigheid, opdat de mens die God toebehoort, volmaakt zou zijn, tot elk goed werk volkomen toegerust.   2 Timoteüs 3:16-17, H. St.

Voor alle veiligheid is het aanbevolen om de raadgeving van Paulus te volgen, zoals beschreven in Hebreeën 12:2:

     Laat ons oog daarbij alleen gericht zijn op Jezus, de leidsman en voleinder van het geloof. 

Voor alle veiligheid, laten we, elke (kerkelijke) geloofsregel toetsen aan Gods geschreven woord opdat onze geloofslevensweg veilig gebouwd zou zijn op de veilige zekerheid van Zijn onveranderlijk Woord.”

L. Pollin

De tekst van deze nieuwsbrief is een onderdeel van de inleidende folder 1G / Geloof. (Dat doet je leven) Het is een nieuw project met een wekelijkse digitale folder. Prachtige inspirerende gedachten uit de Bijbel voor geloofsverdieping, verdeeld over 10 mappen (Geloof, Bijbel, Schepping, Zonde, Verlossing, Bekering, Toekomst, Profetie, Beloften en HouVast) – elk uitgelegd in ongeveer 30 folders per map. Deze tekst maakt deel uit van 1G . Je kunt de folder downloaden onder “Download flyers”. 

Gebrek aan geloof

Er is geen gebrek aan geloof. Alle mensen – op enkele na die hun “geloof” verloren hebben – voelen zich sterk in hun geloof. Zelfs Boudewijn de Groot zong erover in “ik geloof”: “Want je kunt niet zeker weten en alles gaat voorbij, maar ik geloof, ik geloof, ik geloof, ik geloof, ik geloof in jou en mij.”

Dat is natuurlijk een begin, als je gelooft dat een relatie – tussen jou en mij – kan werken… anders kan je er beter niet aan beginnen. Maar houdt het daar bij op? Mensen geloven in zichzelf, in hun eigen kunnen, in hun vermogen om alles zelf op te lossen, in hun financiële middelen, in hun medewerkers, in hun politieke vertegenwoordigers, in hun sociale status… Maar hoe vaak wordt men in dit geloof teruggefloten? 

Nee, er is geen gebrek aan geloof. Maar geeft het ook antwoorden op de levensvragen? Wanneer men op het sterfbed zijn laatste gedachten heeft, zal het geloof die rust brengen om vredig afscheid te nemen van dit aardse bestaan, in de zekerheid dat het leven in de hand is van de Eeuwige? Of zal men gekweld worden door de gedachte “Wat heb ik eigenlijk op aarde gedaan? Wat was de bedoeling van dit alles? En… Was het maar dat? 

Ik heb die vragen ook gesteld, de mensen geobserveerd, de natuur bestudeerd en vond daar niet de antwoorden. Mijn jeugd was gekenmerkt door onrust en ik voelde me heen en weer geslingerd tussen geloof en ongeloof. Ik wilde geloven, maar wat was het waard om vast te houden? Ik had mensen gezien die stierven. Daar lagen ze – een onbezield lichaam – nog even en ze zouden naar stof en as terugkeren. Waar kwamen ze vandaan? Waarom waren ze hier? Waarheen gaan ze, nu ze zijn gestorven?

Het maakte me niet uit wat de waarheid was, maar ik moest en zou ze vinden. Was het toeval op toeval zoals de evolutie-theorie ons leert, of was er een hogere macht aan het werk? Ik ontdekte dat de Bijbel antwoorden geeft, geschreven door mensen, door God geïnspireerd. 

De tekst van deze nieuwsbrief is een onderdeel van de inleidende folder 1G / Geloof. (Dat doet je leven) Het is een nieuw project met een wekelijkse digitale folder. Prachtige inspirerende gedachten uit de Bijbel voor geloofsverdieping, verdeeld over 10 mappen (Geloof, Bijbel, Schepping, Zonde, Verlossing, Bekering, Toekomst, Profetie, Beloften en HouVast) – elk uitgelegd in ongeveer 30 folders per map. Deze tekst maakt deel uit van 1G . Je kunt de folder downloaden onder “Download flyers”.

Het Rechte Pad

De reden waarom een rivier kronkelt, is omdat ze de weg volgt die de minste tegenwerking biedt, dezelfde reden waarom Christenen kronkelen. Maar het pad van de Christenen zou als een gespannen koord moeten zijn, in plaats van een kronkelend pad. Mozes sprak voor zijn dood, “Onderhoudt ze naarstig, zoals de HERE, uw God, u geboden heeft; wijkt niet af, naar rechts noch naar links. Heel de weg, die de HERE, uw God, u geboden heeft, zult gij gaan, opdat gij leeft en het u wèl ga en gij lang woont in het land, dat gij in bezit zult nemen..” (Deut. 5: 32,33) Dit is advies dat we vandaag moeten volgen, een advies dat Christus ter harte nam. Lukas 4 vertelt over de duivelse pogingen om Christus te doen toegeven. “En de duivel zei tot Hem: U zal ik al deze macht geven en hun heerlijkheid, want zij is mij overgegeven, en ik geef haar wie ik wil. Indien Gij mij dan aanbidt, zal zij geheel van U zijn.” (vrs 5-7).

De duivel wou een deal sluiten. Hij vroeg Christus te negotiëren om een verdrag te sluiten om een einde te maken aan de grote controverse tussen goed en kwaad. Dit stelde Jezus in staat om het kruis te vermijden en de wereld te regeren… als Hij enkel Satan zou vereren. Als we het bekijken moet het heel verleidelijk geweest zijn om de horror te vermijden die Hij zou ondergaan in het redden van onze ziel.

Maar wat zei Jezus? “Jezus antwoordde en zei tot hem: Er staat geschreven: Gij zult de Here, uw God, aanbidden en Hem alleen dienen.” (vs 8). Jezus wou het zelfs niet overwegen. Dit is hetzelfde antwoord dat Jezus aan Petrus gaf toen hij suggereerde dat Hij niet naar het kruis moest gaan. Soms werkt de duivel met diegenen die het dichtst bij ons staan, maar wanneer we verleid worden om onze Christelijke principes te compromitteren, moeten we leren zeggen “Sta achter mij Duivel. Ik ga er niet voor vallen.”

Compromis doodde Jezus

In de gebeurtenissen rond de rechtsgang van Christus, kunnen we zien dat het compromissen zijn waardoor Christus gekruisigd werd. In Johannes 18, terwijl hij ondervraagd werd door Pontius Pilatus, zei Jezus “Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen, opdat Ik voor de waarheid zou getuigen; een ieder, die uit de waarheid is, hoort naar mijn stem.” (vs 37).

Pilatus’ antwoord: “Wat is waarheid?”, is een indicator van de twijfelende heersers’ cynisch gedrag ten opzichte van de absolute waarheid. In het Romeinse Rijk, debatteerde iedereen over alles. En dit is niet zo verschillend in het Europa van vandaag. Er was in Rome een filosoof die elke persoon aanzette om iedere kant van elk probleem te bekijken, hopende dat het de geest van de mensen zou verbreden. Maar Augustus verdreef de man want uiteindelijk dacht iedereen dat de waarheid iets relatief was. Niemand ging voor de echte waarheid. Niemand nam een standpunt, omdat elke positie een rationeel tegenargument kent.

In dit geval was de waarheid zeer duidelijk, en Pilatus gaf openlijk toe dat Jezus onschuldig was: “Ik vind geen schuld in Hem.” (vrs 38).

Toch nam Pilatus in plaats van een standpunt van de waarheid en Jezus vrij te laten als onschuldige, een compromis tegen zijn schuldgevoel van waarheid, om door de menigte aanvaard te worden. Een gedrag dat politiekers vaak plaagt. Om de menigte te bedaren, legde Pilatus uit dat hij Jezus zou laten geselen en hem dan terug vrij zou laten. Maar als Jezus onschuldig is, waarom moest Hij dan geslagen worden? Het antwoord is dat als je eenmaal begint op het pad van compromis, het niet uitmaakt waar je stopt. De duivel krijgt je te pakken en de rest van de weg zal door hem worden bepaald. Waarom? Je hebt een signaal gegeven dat je zwak bent door te tonen dat je bereid bent om te negotiëren met het verkeerde, als de prijs het waard is. Eens je begint je overtuigingen op te offeren, is het gemakkelijk om naar de ondergang af te glijden. De duivel voelde Pilatus zijn zwakte, hij gebruikte de menigte om de aarzelende heerser te forceren tot kruisiging. Pilatus was al gestart met te onderhandelen met het kwade, en dat is de exacte plaats waar de duivel hem wou hebben. Dat is waar Pilatus de duivel slimmer af probeerde te zijn en het mislukte. Hij gaf hun Barrabas als compromis in plaats van Jezus. Hij paradeerde de koelbloedige moordenaar voor de menigte als een voorbeeld van echt contrast met het voorbeeld van de zondeloosheid van Christus. Hij moet bij zichzelf gedacht hebben: “Ze willen gewoon een kruisiging zien. Ik zal een toegeving doen, ze zullen zeker kiezen om Jezus vrij te laten.” Hij had er nooit van gedroomd dat ze hem zouden vragen om Barrabas vrij te laten, maar dat is wat ze deden. Uiteindelijk, bracht Pilatus zijn kleine toegeving aan compromis hem naar een plaats waar het compleet buiten zijn kracht ging. “Toen Pilatus zag, dat niets baatte, maar dat er veeleer oproer ontstond, nam hij water, wies zich de handen ten aanschouwen van de schare en zei: Ik ben onschuldig aan zijn bloed; gij moet zelf maar zien, wat ervan komt. ” (Mattheus 27:24) Maar was zijn geweten werkelijk gezuiverd van iedere blaam? Had hij de Verlosser onschuldig verklaard maar zijn veroordeling door de druk van de menigte toch doorgevoerd? Was dat de rechtvaardige uitspraak van een verantwoordelijke heerser?

Zo is het ook wanneer wij compromissen beginnen te maken met de waarheid. Onze acties lopen uit de hand en de gevolgen komen hard aan, en het zal niet mogelijk zijn om onschuldig te pleiten. Wanneer je eraan denkt om de weg van toegeving te bewandelen, denk aan Pilatus. Denk eraan dat Jezus stierf omdat iemand dacht dat hij een compromis met de waarheid kon sluiten.

Voor het pure gemak

In de tijd van Ezra en Nehemia, begonnen de Joden de tempel te herbouwen die door Nebukadnezar vernietigd was. In Ezra 4 staat:

“Laat ons met u bouwen, want wij zoeken uw God evengoed als gij; Hem toch brengen ook wij offers sinds de dagen van Esarhaddon…” Maar de Joden wisten dat deze nabijgelegen volkeren de verering van de ware God met de Assyrische heidense goden vermengden.

Hoe reageerde Israël? Ze zeiden: ”jullie hebben niets met ons te maken voor het bouwen voor een huis voor onze God; maar we zullen het zelf bouwen voor de Heer.” Ze maakten de juiste keuze, weigerden om onbekeerde heidenen te laten helpen aan de bouw van Gods heilige tempel. Maar, “Dan begonnen de mensen van het land”, diegenen die zich eerst opgaven om te helpen, “moeilijk te doen in het bouwen.” Opeens toonden de vrede-biedende en behulpzame buren hun ware aard en werden ze vervelende vijanden.

Wanneer je opkomt voor wat juist is en niet betrokken wordt in afvallige verbintenissen, zal je ervoor beschuldigd worden. Eerst pakt de duivel het zo aan, “ Laat ons gewoon samenwerken. Laat ons elkaar liefhebben en een eenheid vormen. Eenheid is zo belangrijk!” Als je niet voor deze valstrik valt en een standpunt van de waarheid inneemt, zullen ze je ergste vijand worden.

Dit vertelt waar hun hart op de eerste plaats was. Dit is een belangrijke les, nu de laatste fase van de geschiedenis eraan komt. Uiteindelijk zullen de wereldreligies geloofsbelijdenissen maken om eenvormigheid te verkrijgen die uiteindelijk valse verering zal verkondigen.

Als we nu een patroon ontwikkelen waarbij het een gewoonte wordt om onze overtuiging op te offeren voor een illusie van vrede, dan plaveien we de weg in de voorbereiding voor de verering van het beest.

Heb je gehoord van de predikant die de leden van zijn rijke gemeente niet wou beledigen? Hij omzeilde een aantal termen en woorden uit de Bijbel, in de overtuiging dat God in zijn liefde zoiets nooit zou doen. Dat klonk beter – aanvaardbaarder – in de oren van zijn gehoor en zo was iedereen tevreden. Je kunt beter spreken over die grote liefde, die betrokkenheid van God in het leven van de gelovigen, niet spreken over verantwoordelijkheden, over Gods wil en zonde…

In de realiteit wriemelt een groot percentage van compromis en gelijkvormigheid zich in ons leven en in de kerk binnen, omdat niemand iemand wil beledigen. We worden van in onze kinderjaren getraind om vriendelijk en attent te zijn – om ons te onderwerpen aan de mensen hun vragen en niets te doen wat iemand anders zou kunnen kwetsen.

Maar Jezus leerde ons dat het onmogelijk is om het evangelie te verkondigen zonder iemand voor het hoofd te stoten.

Stel je voor dat je een kleine plek slechte huidkanker ontwikkelt, maar de dermatoloog, die je niet wou kwetsen, zei dat het niet kwaadaardig is. Zou de dermatoloog dan je vriend zijn? Is het probleem opgelost door het te omzeilen of het niet te benoemen? Hoe kan je ooit een probleem ten goede veranderen, als niemand erop wijst, of als de hele wereld rond de pot draait?

Door zijn eigenheid, veroorzaakt de veroordelende essentie van het evangelie een enorm vuur in de harten van de mensen om de lagen van hypocrisie eraf te pellen en het legt onze egoïstische motieven en onzuivere gedachten bloot.

De apostelen werden allemaal geslagen of gevangen genomen omdat hun boodschap iemand beledigde. “Allen, die in Christus Jezus godvruchtig willen leven, zullen vervolgd worden.” (2 Timotheus 3:12) Ik geloof dat een reden waarom we niet meer vervolging van Christenen in Europa en Amerika zien is, omdat we zoveel toegegeven hebben aan de wereld, dat de belediging van het evangelie bijna niet meer bestaat.