De bijbelse boodschap, verteld vanaf de bergen

Met een lengte van meer dan 7000 km vormt het Andesgebergte de westelijke ruggengraat van heel Zuid-Amerika en vormt samen het langste continentale gebergte ter wereld. De gemiddelde hoogte van de toppen is bijna 3900 meter boven zeeniveau. Voor iemand die al wat bergen beklommen heeft is 3900 meter geen kleinigheid. De Andes zijn in één woord imposant. Ze zijn een kracht, een dominante aanwezigheid in zeven landen.

Ter vergelijking: de bergen die we regelmatig in Spanje beklommen gingen tussen de 1000 en de 1500 meter en dat is maar bescheiden, en je zou beter zeggen dat dat maar heuveltjes zijn in vergelijking met het Andesgebergte. En ondanks alles waren er veel ontzagwekkende momenten om door deze bescheiden heuvels te dwalen. Er is iets met bergen. Iets met boven alles uitstijgen. Iets met over dingen heen kijken. Iets wat moeilijk precies te communiceren is. Mensen over de hele wereld hebben hoge plaatsen altijd geassocieerd met verhoogde spiritualiteit. Dingen voelen daar anders aan, vooral wanneer toppen worden bereikt. Zo is het ook in de Bijbel. Bergen zijn in feite de kern van het verhaal. Maar op de hoogten werden ook andere vuren ontstoken, voor goden die geen goden zijn.

God zelf lijkt zijn favoriete plaatsen te hebben. “Mijn berg” zal Hij meer dan eens zeggen, of “Mijn heilige berg” of “de berg van God”. Hij identificeert zich met bergen. Mensen in het verhaal beklimmen bergen om zich in de aanwezigheid van God te weten. Soms worden ze geconfronteerd met donder, bliksem en een zekere angst, maar andere keren is het een zacht gefluister. Hoe dan ook, God is er.

Overal in de oude wereld van Mesopotamië bouwden talloze naties ziggurats – handgemaakte, terrasvormige tempelbergen met heiligdommen en altaren erop. Dit wereldbeeld zag de kosmos als een driedelige structuur: de hemel, de aarde en de donkere plekken onder de aarde. Men geloofde dat de goden in de hemel leefden, boven de hoge, koepelvormige schelp die de grote wateren tegenhield en de open ruimte boven de grond creëerde. Bergen zouden natuurlijke plaatsen zijn om dichter bij de goden te stijgen en met hen om te gaan.

In de Bijbel gebeuren grootste en unieke dingen op bergen. Maar ook, zoals we zien, de moeilijkste dingen. In eerste instantie lijkt het allemaal goed. De ark van veiligheid, die de grote vloed overleefde die de wereld bedekte, kwam tot rust op de bergen van Ararat. De eerste tekenen van hernieuwd leven op aarde, komen van de hellingen van die toppen. En toen de oude Jacob wist dat het tijd was om een ​​goed woordje over zijn zonen te zeggen, vertelde hij zijn geliefde Jozef dat alle zegeningen en geschenken van de eeuwenoude bergen zeker op het hoofd van deze prins onder zijn broers zouden rusten.

De bijbelse poëzie gaat gedetailleerd in op God en de bergen. Adelaars bouwen hun nest op verheven rotsen. Daar neergestreken zoeken zij wijd en zijd naar voedsel. Maar roofvogels zijn niet de enigen die kijken. God heeft ook zijn oog op de hoge plaatsen, en Hij ziet de berggeiten baren, en de hinde die haar reekalf draagt. 

Hij kent elke vogel over de bergketens, en zelfs de insecten zijn van Hem. Hij werkt er altijd aan om ervoor te zorgen dat alles – land, lucht, wolken, regen, planten en ja, insecten – samenwerken voor de bloei van het leven.

Dat is goed. Maar er is meer. De Bijbel confronteert ons met grotere bergen, omdat niet alles meer goed is in de schepping.

Laten we aandacht geven aan de exploratie van de bijbelse bergen en de grote gebeurtenissen die er plaats vonden en proberen te begrijpen hoe deze ook voor ons vandaag nog iets te zeggen hebben. 

Sla je ogen op naar de bergen

Bergen hebben me altijd gefascineerd, enerzijds door hun bestaan dat de bewogen geschiedenis van deze aarde beschrijft, anderzijds door hun schoonheid en complexiteit. Ik heb ze graag beklommen en de natuurlijke schoonheid ervan bewonderd. Zo waren we in Spanje op wandel en bereikten stilaan het hoogste punt van wat we dachten dat de limiet was, maar toen we bijna boven waren, kregen we een uitzicht op wat zich daarachter bevond. Even dacht ik dat mijn hart stilstond… ik had geen woorden meer toen de volgende stappen duidelijk maakten waar we naartoe gingen. “Het is hemels” zei Riet, en dat was wat ik op datzelfde moment ook dacht. Even verder kwamen we bij een diep ravijn en de overkant reikte hoger in de hemel. Wolken omgaven de toppen in een nevel waar zonnestralen zich een weg door baanden, waardoor we een glimp kregen van een goddelijk spektakel, met de vage silhouetten van gouden toppen, die niet voor mensenogen bestemd waren. 

Ik heb ze getekend, erover geschreven, en erover gelezen in Gods woord. 

Nu is de Bijbel zeker geen toeristische gids om je naar de mooiste of de hoogste plekken ter wereld te brengen. Hoe mooi en indrukwekkend bepaalde rotsformaties kunnen zijn als eeuwig getuige van de kracht van God, zijn ze niet het beste wat God ons te bieden heeft. 

We leven op een verwoeste aarde, waar zonde en dood en strijd dagelijkse kost zijn. Een mooi uitzicht op velden, heuvels en bergen, zon en zee, kan dan een verademing zijn, ons de moeilijkheden doen vergeten, of sommigen aan een harde realiteit onttrekken… Of het kan ons er telkens aan herinneren dat God bestaat, en dat ondanks alle geweld dat Gods schepping werd aangedaan, en de onzorgvuldigheid in het beantwoorden aan de opdracht om een goede rentmeester te zijn, God in zijn schepping wijsheid en kracht heeft gelegd, buiten het normale. 

Als de Bijbel spreekt over “bergen”, kan het gaan over belangrijke gebeurtenissen die zich hebben afgespeeld op een bepaalde berg, of het kan wijzen naar de Rots – de Christus – de vaste grond, de onwankelbare zekerheid van Gods liefde en trouw. 

Job 9 zegt over God: “Hij verplaatst de bergen zonder dat men het merkt, Hij keert ze om in zijn toorn. Hij doet de aarde van haar plaats wankelen, zodat haar zuilen schudden. Hij geeft aan de zon bevel en zij gaat niet op, en Hij sluit de sterren onder zegel weg.” Dat is God. Hij spreekt en het gebeurt. Geen “berg” houdt Hem tegen. 

De “bergen” die mensen in hun leven zien, de Goliaths waar mensen tegen strijden… breng ze bij God en je zal zien hoe Hij er molshopen van maakt. “In de wereld lijdt gij verdrukking, maar houdt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen”. Dat is wat Hij jou te vertellen heeft.
In HouVast bekijken we de bergen langs alle kanten en ik hoop en bid dat de geestelijke les een rijke ervaring kan zijn als je de boodschap die klinkt vanaf de bergen bestudeert in Gods Woord.  

Indien gij wildet…

Ik heb altijd geleerd dat “de wil” het begin van alles is. Iemand die gewillig is, komt in ieder geval in beweging. Maar willen is meer dan wensen. Iedereen wenst vrede, geluk, voorspoed… maar wensen gaat niet gepaard met een engagement. Terwijl, als je iets echt wil, doe je er iets voor.  Je moet natuurlijk weten wàt, en dus moet je instructies krijgen en als het gaat om het geloof, “uit goede bron”.  In Deuteronomium 8 klinkt echter al : “omdat gij naar de stem van de HERE, uw God, niet wilde luisteren”. 

Dat is opgeschreven voor u en mij en houdt ons een spiegel voor. Zijn we ook vandaag, zoveel eeuwen later gewilliger om te luisteren?

We kennen de woorden van Jezus in Mattheus 23:37-38 : “Jeruzalem, Jeruzalem, dat de profeten doodt, en stenigt, wie tot u gezonden zijn, hoe dikwijls heb Ik uw kinderen willen vergaderen, gelijk een hen haar kuikens onder haar vleugels vergadert, en gij hebt niet gewild.” Daar was dan hun  Koning en Heer, Hij waarnaar de profeten vooruitwezen, waar vanaf Adam was naar uitgekeken, Hij die sprak en het was er, die sprak zoals niemand voor Hem ooit had gesproken… Hoe tragisch, dat ondanks dat alle tekenen op Hem wezen, ze niet het geestelijke oog hadden van Simeon en Hanna. En weer kunnen we zeggen… “en wij?” Is ons oog beter geoefend om de waarheid te ontdekken en de schriften te onderzoeken en daaruit te leren wat God van ons wil? Zullen wij ons niet laten misleiden door succesrijke groepen, pracht en praal, aanzien, macht, de show, het aantal… in plaats de eenvoud van die eenvoudige man van Nazareth, met zijn eenvoudige boodschap die niet verandert. Kan ook niet – want alles wat God doet is eeuwig. 

Zou het mogelijk zijn dat we vandaag verloren lopen tussen de bijkomstigheden en de essentie missen? Iemand vroeg me recent hoe het komt dat ik – een leek – mij zo tot het evangelie en de verkondiging aangetrokken voel… Ja, voor sommigen is het extreem, een beetje religie, dat wel, maar niet teveel. Dat is niet wat de Bijbel me leert. God is niet tevreden met halve keuzes. 

In Jeremia 5:3  vraagt de profeet zich af : “Gij hebt hen geslagen, zij voelden geen pijn; Gij hebt hen vernield, zij hebben geweigerd tuchtiging aan te nemen; zij hebben hun aangezichten harder gemaakt dan een rots, zij hebben geweigerd zich te bekeren.” en in Jesaja 30:15 : “Door bekering en rust zoudt gij verlost worden, in stilheid en vertrouwen zou uw sterkte zijn, – maar gij hebt niet gewild.”

Wat hebben wij niet gewild? Is het zijn liefde? Nemen we aan. Maar zijn onderwijzing? Dat is ouderwets. Een mens moet niet te ‘wettisch’ zijn… Laten we ieder woord onderzoeken, zoals Johannes 5 beschrijft : “Gij onderzoekt de Schriften, want gij meent daarin eeuwig leven te hebben, en deze zijn het, welke van Mij getuigen,en toch wilt gij niet tot Mij komen om leven te hebben.” We willen wel het leven, maar niet hét Leven, niet Zijn vraag: kom en volg Mij…

Laat alles los en vertrouw op Mij, laten we samen overleggen… Zo leer je Mij kennen.” “Want dat is het eeuwige leven, dat zij U kennen, Vader, en Jezus Christus die U gezonden hebt.”

Dat is wat Jozua het volk voorhield : “leven of dood – zegen of vloek”.
Mijn gebed voor u is : “kies dan het leven”!

Een unieke schat

Mattheüs vertelt ons dat Jezus tot de menigte in gelijkenissen sprak: “Dit alles zeide Jezus in gelijkenissen tot de scharen en zonder gelijkenis zei Hij niets tot hen, opdat vervuld zou worden het woord, gesproken door de profeet, toen hij zei: Ik zal mijn mond opendoen met gelijkenissen, Ik zal verkondigen wat sinds de grondlegging der wereld verborgen gebleven is (Mattheüs 13:34-35)”.

Voor vele Christenen klinken de gelijkenissen erg eenvoudig. Maar iedere gelijkenis bevat een verborgen waarheid van het Koninkrijk.

Vele gelovigen lezen snel door de gelijkenissen. Zij denken dat ze een voor de hand liggende les zien en gaan snel verder.

Maar deze twee gelijkenissen bevatten naar mijn mening de diepste waarheden. “Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een schat, verborgen in een akker, die een mens ontdekte en verborg, en in zijn blijdschap erover gaat hij heen en verkoopt al wat hij heeft en koopt die akker. Evenzo is het Koninkrijk der hemelen gelijk aan een koopman, die schone parelen zocht. Toen hij een kostbare parel gevonden had, ging hij heen en verkocht al wat hij had, en kocht die (Mattheüs 13:44-46)”.

Je denkt misschien: “We weten allemaal dat Jezus de kostbare parel is, de schat begraven in de akker.” Inderdaad, deze twee wanhopige figuren – de gravende man en de zoekende koopman – maken de bedoeling van Jezus duidelijk: naar Gods geheimen moet meer dan naar andere dingen in het leven verlangd worden.

In Zijn gelijkenis van de zaaier waarschuwt Jezus dat niet iedereen die Hem belijdt zal doorgaan in het geloof. Volgens de gelijkenis zal een beetje zaad (het evangelie) op goede grond vallen. Dat zaad zal wortel schieten, groeien en vrucht dragen. Maar ander zaad zal op de rotsgrond vallen en zal wegkwijnen voordat het wortel kan schieten. En nog meer zaad zal op de dorens vallen en satan zal het roven.

Een verschrikkelijke onverschilligheid overkomt de gelovigen. Zij zoeken predikers die vriendelijk zijn tegen hun vlees. Zij zijn bedrogen door wat Paulus noemt “een ander evangelie, een andere Jezus”. Hun oren jeuken om predikingen te horen van welvaartspredikers.

Christenen vertelden ons van Amerikaanse evangelisten die hun zakken leegmaakten, op hun privé-vliegtuig stapten en zeiden: “Ciao, goodbye!”. Maar Jezus voorzag deze dingen. Hij keek door de geschiedenis naar onze tijd, en voorspelde alles wat zou komen: de verwerping van door God geïnspireerde vermaning, het opkomen van een evangelie van gemak, het oppervlakkige onderwijs van vlees-vriendelijken, het wegvallen van massaʼs. Inderdaad, hij waarschuwde dat in de laatste dagen de liefde van vele gelovigen zou verflauwen. Eens enthousiaste dienaren zouden lauw worden of zelfs koud. Zij zouden prediken over Zijn vergeving en zegeningen en liefde, allemaal zonder kosten voor iemand. Mensen zouden in hun zonde op hun gemak gesteld worden. En het zou de Heer zo veel pijn doen, dat Hij zei dat Hij hen uit Zijn mond zou spugen. Daarom riep Jezus een privé-sessie samen met zijn discipelen. De Schriften zeggen: “Toen liet Hij de scharen gaan en ging naar huis. En zijn discipelen kwamen bij Hem en zeiden: Maak ons de gelijkenis van het onkruid in de akker duidelijk (Mattheüs 13:36)”. Jezus wilde de ogen van Zijn volgelingen openen voor de diepere betekenis van Zijn gelijkenissen. Hij wist dat zij waarheid nodig hadden die hen leidde door tijden van verleiding.

In deze samenkomst vertelde Christus de twee gelijkenissen, over de schat in het veld en de kostbare parel. Deze twee gelijkenissen nemen slechts 3 verzen in beslag in de Bijbel. Maar hierin staan de geheimen van de Heer. Ze bevatten Zijn eeuwige doeleinden, om geopenbaard te worden aan Zijn toegewijde dienaren.

Deze twee gelijkenissen vertellen ons dat Christusʼ kostbare waarheid alleen wordt gevonden door toegewijde zoekers. Zij die hen volgen met hun gehele hart zullen hun ogen open hebben voor de geheimen van het overvloedige leven.

Jezus begint deze gelijkenissen met te zeggen: “Laat me jullie vertellen waaraan het Koninkrijk der Hemelen gelijk is” (zie Mattheüs 13:44). Hij verwijst naar het Koninkrijk der Hemelen op aarde. “Dít is de manier waarop je de volheid van de Hemelen in je hart kan bezitten, nu al, op dit moment. Maar laat me je vertellen wat het je zal kosten om het te bereiken”.

Hoe verkrijgen we de hemel op aarde? De twee gelijkenissen maken het duidelijk: door Christus in al Zijn volheid te bezitten. En het is een inspanning die je veel kost.

Verlost

Er bestaat vandaag een terughoudendheid bij sommige christenen om de gedachten van heiligheid en geluk samen te brengen. Op een of andere manier vinden zij dat toegewijde christenen somber en ernstig moeten zijn. Geluk lijkt iets oneigens te zijn, op een bepaalde manier besmet met een geest die in tegenstrijd is met de ware liefde voor God. Vanuit dit oogpunt behoren vreugde en Jezus niet in één adem genoemd te worden, want dat brengt de ware eerbied voor God in gevaar.

Maar die gedachten komen niet uit de Bijbel. Kijk eens wat daar gezegd wordt:

“Hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis” (Jesaja 56:7).

“Verheugen zullen zich allen die bij u schuilen, altoos zullen zij jubelen” ʻPsalm 5:12).

En weer zegt de psalmist: “Zult Gij ons niet doen herleven, opdat uw volk zich in U verheuge?” Psalm 85:7.

Welke houding weerspiegelt het best het leven en werk van Jezus? Het evangelie vertelt ons dat zelfs de kinderen met vreugde tot de Heiland kwamen en dat zegt ons veel over zijn uitstraling.

Maar was onze Heer dan niet “een man van smarten, bekend met verdriet?” Natuurlijk was Hij dat. In het leven van elke christen komen zaken voor die het hart breken en ook dat van God. Elke christen kent de kwelling van het schuldgevoel en de tol van de tragedie. Voor elk van ons komt er een tijd om te treuren. Elke christen kent verdriet, als hij ziet dat de mensen waar hij van houdt een rampzalige keuze maken. Maar de vriendschap met Jezus leidt tot een vreugdevolle reis, zelfs wanneer ons pad langs verdriet voert.

In zijn bekendste prediking, de Bergrede, sprak Jezus over de formule voor blijdschap. Herhaaldelijk begint Hij zijn uitspraken met “Zalig zijn zij…” en beschrijft dan hoe men ware vreugde kan vinden door Hem te dienen.

Hoe kan een generatie die voor het oordeel staat een vreugdevol leven leiden? Wij vinden het antwoord in Psalm 98:4-9: “Juicht de HERE, gij ganse aarde, breekt uit in gejubel en psalmzingt. Psalmzingt de HERE met de citer, met de citer en met luide zang, met trompetten en met bazuingeschal; juicht voor de Koning, de HERE. De zee bruise en haar volheid, de wereld en wie erin wonen; dat de stromen in de handen klappen, de bergen tezamen jubelen voor het aangezicht des HEREN, want Hij komt om de aarde te richten; Hij zal de wereld richten in gerechtigheid en de volken in rechtmatigheid.”

Het einde , het begin

Het einde van de verzoeking en de zonde

Als Jezus onze Koning wordt, betekent dit het einde van de vrees. In de huidige wereld is vrees niet weg te denken. Miljoenen mensen leven in landen waar onrust en geweld het gebeuren van elke dag uitmaakt – hun leven is continu in gevaar: bedreigingen en intimidaties zijn er het levenspatroon.

Vrees is een wereldprobleem die het hart van de mens beangstigt. De angst om te leven of te sterven is bij sommigen ongehoord groot. Gebrek, ziekte, moeilijkheden zijn zeer belangrijke oorzaken, die de vrede verstoren in het hart van de mens en die hem vele slapeloze nachten bezorgen. Een schrijver omschreef het zo treffend:

Vrees heeft veel gevarieerde vermommingen. Aan de basis hiervan ligt de vrees om van God gescheiden te zijn.

Nauw hiermee verbonden is de vrees om alleen te zijn, de vrees voor de werkelijkheid, de vrees voor mislukking, de vrees om anders dan anderen te zijn en nog veel meer aandoeningen van ziekelijke vrees.

Evenwel spreekt nog steeds een minzame hemelse Vader woorden van vrede tot vreesachtige harten:

“Vrees niet, want Ik ben met u; wees niet ontsteld, want Ik ben uw God; Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u niet de rechterhand mijner gerechtigheid” Jesaja 41:10.

Op de muur van een kantoor stond: Vrees klopte op de deur. Geloof opende de deur en er stond niemand.

“Vrees niet … want Ik ben met u om u te redden, spreekt de Here” Jeremia 1:8.

Wanneer Jezus komt en onze hemelse Vader de poorten wijd openzet van het Paradijs: wat een heerlijke bevrijding van de vrees zal het dan zijn!
Jezus wederkomst betekent het einde van alle vrees.

Het einde van teleurstelling en ontmoediging

Wanneer Jezus onze Koning wordt, zal dat het einde zijn van teleurstelling en ontmoediging. Deze vijanden van onze vrede zijn ons niet onbekend. Ieder van ons kent zijn deel ervan en de ervaringen zijn niet zo aangenaam: mislukte plannen, verlies van bezit, geen werk vinden, hoop die niet gerealiseerd wordt, het verloopt niet zoals gepland, enz.
Jobs ervaringen zijn ons niet vreemd.

Een van de meest onbevreesde mannen vermeld in de Bijbel is ongetwijfeld Elia. Nochtans is het hem op een keer overkomen de meeste ontmoedigde man te zijn geweest uit de Bijbel. Volkomen onbevreesd stond hij tegenover Achab. Nu is er buiten de persoon van Achab geen koning in Israël geweest die ooit zo goddeloos was. Toch durfde Elia het aan hem de zondigheid van diens regering te verwijten. Korte tijd nadien echter vluchtte hij, bevreesd als hij was voor de dreigementen en wraakgevoelens die Izebel, Achabs vrouw, uitte aan zijn adres. Ver weg verstopte hij zich in de woestijn – weg van de plaats waar hij normaal moest zijn. Een totale ontmoediging en vrees overviel hem. Daar zat hij dan onder een jeneverboom ergens in de woestijn.
Deze menselijke reactie beschrijft de Bijbel bijzonder treffend, hiermee de zielstoestand van deze grote Godsman beschrijvend.

Elia zat onder een jeneverboom en bad dat zijn ziel mocht sterven en zei:
Het is genoeg, neem nu, Here, mijn ziel. – Koningen 19: 4.

Dit mag een bemoediging zijn voor al de gelovigen die dreigen ten prooi te vallen aan ontmoediging en vrees: ook dit is grote bijbelse geloofshelden overkomen – momenten van volkomen terneergeslagen zijn, geen uitweg meer zien … Net zoals God in die tijd zijn volgelingen uit zo ’n geestestoestand bevrijdde, zo zal Hij het ook nu doen – ook met u – voor allen die Hem liefhebben. Hij verandert immers niet in de loop der tijden tegenover hen, die zich op Hem verlaten.

Stralend en vol glorie zal die dag zijn, wanneer Gods kinderen volkomen en voor altijd bevrijd zullen zijn van zij, die er steeds weer op uit zijn om de zielen te verleiden – als Jezus Christus komt als hun Koning der koningen. Op die blijde dag zal een einde gemaakt worden aan alle teleurstellingen en ontmoedigingen. In het leven dat ze vanaf dan zullen ervaren, zal hun de verborgenheden – oorzaken van tegenslagen, teleurstellingen en verslagenheid – duidelijk worden. Het zal ze duidelijk worden dat ogenschijnlijk onverhoorde gebeden en ontgoochelde verwachtingen in wezen hun grootste zegeningen waren.

Het einde van leed en smart

Het koningschap van Christus houdt een einde in van alle leed en smart. Een predikant schrijft:

In de loop der jaren heb ik tal van ziekenhuizen bezocht en melaatsenkolonies. Zowel heiligen als ongelovigen heb ik zien zitten op de rand van het graf. De blik van koortsige gezichten, verkromde ledematen, verziekte lichamen,… het trof mijn diepste menselijke gevoelens. Hospitalen barsten van zieken en mensen die een onnoemelijk lijden dragen.

Spijts dit alles, beste lezer, mocht lijden en ziekte thans uw deel zijn, is er bijzonder heerlijk en gezegend nieuws voor u: nog een korte tijd en de periode die u thans meemaakt zal voor goed voorbij zijn.

Als Jezus, uw grote Heelmeester, terugkomt, zal het kwade geen enkele oorzaak meer kunnen zijn van ook maar enig nadeel, van welke aard ook, voor zijn geliefde kinderen.

“De HERE zal alle krankheid van u afweren” – Deuteronomium 7:5.

“Want Ik zal u genezing schenken, en u van uw wonden genezen” Jeremia 30: 17.

“En God zal alle tranen van hun ogen afwisssen en de dood zal er niet meer zijn; ook geen rouw, jammerklacht of moeite zal er meer zijn. Want de eerste dingen zijn voorbijgegaan.” – Openbaring 21:4.

Een dag van verlossing en blijdschap zal het zijn voor talloze gekwelde en lijdende lichamen – bevrijding, voor eens en voor altijd van zorgen, verdriet, tranen, lijden, ziekte, dood en rouw. Ziekenhuizen, hospitalen, sanatoria, leprakolonies, instellingen voor geesteszieken, lichamelijk en geestelijk aftakelende mensen zullen in dat eeuwige Paradijs niet bestaan. Medicijnen, antibiotica, injecties, geneeskundige voorschriften allerhande, het zal er volstrekt onbekend zijn.

Gedaan zal het zijn met leed en smart!

uit : De hoop van de Christen / Houvast

Lees het hele boekje