Al bijna tweeduizend jaar gebruiken christenen muziek als middel tot aanbidding. In de Bijbel schrijft de apostel Paulus: “Spreek tot elkaar met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen.” Het woord ‘hymn’ komt van het Griekse woord ‘hymnos’, wat ‘lofzang’ betekent. Hymnodie (het zingen of componeren van hymnen) is door de eeuwen heen geëvolueerd en veranderd en beïnvloed door nieuwe ideeën en zich ontwikkelende religieuze overtuigingen: in de hele geschiedenis van de kerk zijn er, telkens wanneer er sprake was van vernieuwing, herleving of herstel, nieuwe lofzangen ontstaan.
Tijdens de middeleeuwen ontwikkelde de hymnekunst zich in de vorm van Gregoriaanse gezangen. Deze werden in het Latijn gezongen, meestal door kloosterkoren. Maar in de 16e eeuw kregen kerkgangers meer toegang tot hymnen dankzij de uitvinding van de drukpers en Maarten Luther, die mensen aanmoedigde om samen in de kerk te zingen.
In Engeland bracht de predikant Isaac Watts (1674-1748) een verandering teweeg in de gemeentezang. Watts was ervan overtuigd dat hymnen de religieuze gevoelens van de gelovigen moesten uitdrukken en hij ontwikkelde zich tot een productief schrijver, die honderden nieuwe hymnen componeerde. Watts wordt “de bevrijder van de Engelse hymnen” genoemd, omdat zijn hymnen mensen ertoe brachten niet langer alleen maar psalmen uit het Oude Testament te zingen, maar hen inspireerden om vanuit het hart te zingen, met groot geloof en begrip.
In dezelfde periode beïnvloedde een andere belangrijke stroming de kerkliederen: de methodistische beweging, onder leiding van John Wesley. John en zijn broer Charles gebruikten eenvoudige ritmes en makkelijk mee te zingen melodieën om de gemeentezang te bevorderen. Zij schreven veel van onze bekende hymnen die tot op vandaag nog steeds erg populair zijn. Aan het einde van de 19e eeuw ontstond een nieuwe stijl van kerkliederen, bekend als ‘gospel’. Deze liederen werden doorgaans gekenmerkt door een krachtige zang en opwekkende harmonieën, en hadden een grote invloed op latere hedendaagse erediensten wereldwijd. De twintigste en eenentwintigste eeuw hebben een explosie aan nieuwe hymneschrijvers en -benaderingen gekend.
Oude teksten zijn opgefrist met nieuwe melodieën en er zijn talloze hedendaagse hymnes ontstaan. Binnen de niet-traditionele kerkbeweging is er een verschuiving van de vroegere gemeentezang naar aanbidding geleid door één zanger of een band. Instrumentatie is populairder geworden en muzikale stijlen zijn vrijer. De kerk van vandaag is rijker dan ooit aan muzikale middelen en blijft gemeenten samenbrengen door middel van zang.
Dicht bij het hart van God
Dit lied is ontstaan uit tragische omstandigheden. Cleland McAfee (1866-1944) verloor in 1903 twee nichtjes op jonge leeftijd aan difterie. McAfee was predikant en koorleider van de Presbyteriaanse kerk op de campus van Park College in Missouri. Zijn dochter beschreef het voorval in haar boek ‘Near to the Heart of God’. Hymnoloog William J. Reynolds citeert het verhaal: “De familie en de stad waren diep bedroefd. Mijn vader vertelde ons vaak hoe hij tot laat in de avond nadacht over wat er op de komende zondag in woord en lied gezegd kon worden… Dus schreef hij het liedje. Het koor leerde het tijdens de reguliere repetitie op zaterdagavond, en daarna gingen ze naar het huis van Howard McAfee en zongen het terwijl ze onder de hemel stonden, buiten het verduisterde, in quarantaine geplaatste huis. Het werd opnieuw gezongen op zondagochtend tijdens de dienst… Het lied werd voor het eerst opgenomen in ‘The Choir Leader’ in oktober 1903.”
Carlton R. Young suggereert dat de strofen bevestigen dat er dicht bij Gods hart een ontmoetingsplaats met de Heiland is, een plaats van ‘rustige stilte’, ‘troost’, ‘volledige bevrijding’ en ‘vreugde en vrede’.
Het refrein smeekt Jezus om ons te ondersteunen in de nabijheid van Gods hart. Een kenmerk van gospelsongs uit deze tijd, vooral die welke een intieme taal gebruiken om de relatie tussen de gelovige en God uit te drukken, is het meerdere malen herhalen van een korte zin, waardoor de boodschap dieper in het bewustzijn van de zanger kan doordringen en een klein kern van waarheid kan planten. In dit geval is de herhaalde zin ‘dicht bij het hart van God’, die twaalf keer voorkomt als alle strofen worden gezongen en het refrein na elke strofe wordt herhaald.
De tekst van deze nieuwsbrief is een stukje uit de folder C270G – Dicht bij het hart van God waar je de rest van het artikel kunt lezen. Prachtige inspirerende gedachten uit de Bijbel voor geloofsverdieping, verdeeld over 12 mappen (Geloof, Bijbel, Schepping, Zonde, Verlossing, Bekering, Toekomst, Profetie, Beloften en HouVast) – elk uitgelegd in ongeveer 30 folders per map. Je kunt de complete folder downloaden onder “Download flyers” in Map 10 – HouVast / Download de hele folder

