Het Apenproces

ApenprocesIn de brief van 9 juli 2025 verwees ik al naar dit gemediatiseerde proces in 1925 dat maakte dat het christendom nooit meer kon rekenen op datzelfde vertrouwen als voorheen. De fouten die toen zijn gemaakt in de verdediging, zijn dezelfde als deze die we nog altijd maken als we niet bereid zijn om Gods woord (elk woord) te aanvaarden als een onfeilbaar woord.

Het leven is wonderbaar en doet ons vragen stellen over onze oorsprong, ons doel en onze bestemming. Het zou kunnen dat je met twijfels leeft, dat je het bestaan van God in vraag gesteld hebt… en dat je meegaat in deze wereld die van God noch gebod moet weten… Toch ben ik er zeker van dat God ook vandaag aan je hart klopt en vraagt om plaats te maken voor Hem.
Het zou kunnen dat het voor jou uitgemaakt is, dat religie een menselijk voortbrengsel is en dat evolutie de verklaring is voor ons leven op aarde. Is dat zo ? Hoe kan je daar zo zeker van zijn, met zo weinig feiten en mogelijke pistes die dat zouden kunnen bevestigen ?

We hebben enkele andere feiten bij elkaar gezocht, die je misschien zullen verbazen, in de hoop en stille wens, dat het je standpunt over God en het doel van je leven mag beïnvloeden.

In Romeinen 1 lezen we : “Want hetgeen van Hem niet gezien kan worden, zijn eeuwige kracht en goddelijkheid, wordt sedert de schepping der wereld uit zijn werken met het verstand doorzien, zodat zij geen verontschuldiging hebben.”

166 jaar geleden – op 24 november 1859 werden 1250 exemplaren van Charles Darwin’s boek THE ORIGIN OF SPECIES aan het publiek te koop aangeboden. Ze werden alle verkocht op de dag van verschijning. In toenemende mate groeide de invloed van Darwins’ werk en de reacties in de christelijke wereld bleven niet uit. Sommigen verwierpen ogenblikkelijk hun traditionele geloof in de schepping, zoals het hun geleerd was doorheen de Bijbel. Anderen probeerden een oplossing te vinden door te proberen de Bijbelse scheppingsgedachte in harmonie te brengen met de evolutie. Daardoor ontstond een evolutie-creatie… terwijl een derde groep de evolutie veroordeelde als des duivels. Deze laatsten deden alles wat ze konden om evolutie-filosofie te verbannen uit scholen en lessen.

William Jennings Bryan, was één onder hen. Hij bekampte jarenlang met vuur en verve de evolutionisten. Hij was welbespraakt en populair en drie maal genomineerd voor het presidentschap van de VS. Het was dankzij de inspanningen van Bryan en anderen dat op 28 januari 1925, de staat Tennessee deze wet stemde: “Het is verboden aan elke leraar om in zijn lessen enige theorie te leren die het verhaal van de goddelijke schepping van de mens ontkent, zoals beschreven in de Bijbel, en in plaats daarvan voor te stellen dat de mens zou zijn ontstaan uit een lagere orde uit de dierenwereld.”

Het was slechts een paar weken later dat John Scopes, een 25-jarige schoolmeester in Dayton, pauze hield in een plaatselijke limonadebar voor een drankje. De eigenaar van de bar was toezichter in de school en had John hier naartoe geroepen voor een onderhoud. Hij polste of Scopes mogelijk geïnteresseerd was om te “testen” of deze nieuwe wet, die het leren van de evolutie verbood, wel grondwettelijk was. Scopes was onmiddellijk bereid om hieraan mee te werken.

Dit proces, dat de geschiedenis inging als het “apenproces” en dat op 10 juli 1925 de creationisten in het zand deed bijten, echode doorheen Amerika en later doorheen de wereld. Het volstaat om te zeggen dat een leek als advokaat Bryan, ondanks zijn welbespraaktheid en retoriek, de wetenschappelijke feiten miste die voor zijn verdediging noodzakelijk waren. Het was een roekeloze daad om tegen de aantijgingen van een goed gedocumenteerde ondervrager als Clarence Darrow, in de ring te stappen als verdediger. De zaak van de schepping en de goddelijke inspiratie van het Woord, werden door deze zaak geridiculiseerd.

Voor Bryan was het een tragische anticlimax van zijn schitterende carrière, terwijl hij enkele dagen na het proces stierf. Vanaf die dag is de Bijbel nooit meer opgehouden een voorwerp van bespotting te zijn voor sommigen. Maar men kan zich afvragen, wat de uitkomst van zo een rechtszaak zou zijn, indien de zaak vandaag zou overgedaan worden, en indien een ernstige en onbevooroordeelde wetenschapper de plaats van Bryan zou innemen, met al de nieuw verworven kennis van de laatste vijftig, zestig jaar ?

Als dat zou gebeuren, zou het idee dat men heeft over de Bijbel ongetwijfeld zeer verschillend zijn.

Het is nu iets meer dan 150 jaar geleden, sinds Darwin voor het eerst zijn evolutionaire filosofie voorstelde. Er is in de voorbije eeuw meer vooruitgang geboekt in deze materie, dan de hele geschiedenis daarvoor. Had u gedacht dat het onderzoek eerder de positie van Darwin ondersteunt of tegenspreekt? Laten we kijken naar de antwoorden.

In 1967 stelde Professor Wilder Smith van de Universiteit van Illinois, een soortgelijke vraag. Hij zei : “versterkt de moderne wetenschap van de voorbije 100 jaar het Darwinistisch ideeëngoed, of verzwakt het juist de zaak van de organische evolutie?” Zijn antwoord luidde : “Veel factoren schreeuwen om een diepgaande aanpassing van het Darwinistisch systeem, en dwingen ons om terug te keren naar het scheppingsmodel, als een meer wetenschappelijk geldende verklaring.” (Christianity Today, P.4, mei 26, 1967).

Zoals hij, en vele anderen aangeven, is het moderne onderzoek in het voordeel van de Schepping, en bewijzen zij de accuraatheid van Genesis over de oorsprong van het leven. Eens te meer is het een bewijs dat men op de Bijbel kan vertrouwen.
Voor de lezer die al of niet zijn geloof vestigt op de Bijbel, zou ik toch twee teksten willen citeren. Vooral om te voorkomen dat iemand die gelooft in twijfel komt hoe hij of zij twee onverzoenbare feiten tegenover elkaar geplaatst ziet. Voor een wetenschapper ligt dat dikwijls anders, als hij de feiten aanvaardt voor wat ze zijn.

Laat me vertellen dat ik zelf geen wetenschapper ben en dat deze materie geen specialiteit is. Ik beschik over een bibliotheek boeken en DVD’s die deze materie verder verklaren en die een meer gefundeerd antwoord geven op de duizenden vragen die men zich kan stellen over de leeftijd van de aarde, de dateringsmethoden, de archeologische vondsten, de verschillende fenomenen die waargenomen worden in de geologie, in het planten- en dierenrijk…

Maar er zijn zaken die voor zichzelf spreken en waar iedereen met een beetje oordeelsvermogen zelf een besluit kan over maken. Ik denk aan de twee wetten van de thermodynamica. Deze wetten worden algemeen geaccepteerd, maar waren nog niet gekend tot na de dood van Darwin.

In 1955 publiceerde American Scientist eer artikel, met de titel : “Perspective in Evolution”. Hierin lezen we : “De tweede wet van de thermodynamica zegt, dat indien overgelaten aan zichzelf (inclusief toeval), zal ieder afzonderlijk georganiseerd systeem vervallen, wat betekent dat het niet leidt naar meer organisatie, maar naar verwildering.” Dit is slechts één wet van het universum. Als je een systeem, of iets georganiseerd, aan zichzelf overlaat en het laat ontwikkelen op basis van “geluk”, zal het niet ontwikkelen naar meer en betere organisatie. Het zal geen ontwikkeling doormaken, en zijn organisatie zal al heel snel vervallen. Dit is een feit dat men kan waarnemen over de hele wereld.

Het is waar dat wetenschappers deze wet niet meer kunnen verklaren, dan de wet van de zwaartekracht. Niemand weet waarom het waar is, maar zijn uitwerking kan vastgesteld worden in de hele natuur. Zoals Morris zegt: “Alles wat aan zichzelf overgelaten wordt, tendeert te verouderen, verminderen en sterft tenslotte af.” (blz 36). Terwijl evolutie algemeen geaccepteerd wordt, is het alleen maar een theorie. Nooit in de geschiedenis werd de evolutie van soort naar soort door iemand actief waargenomen. Verondersteld, ja, maar waargenomen nooit.

Met de kennis van de thermodynamica, komen we tot het besluit dat het hele concept van de evolutietheorie in regelrechte contradictie is met de gekende wetten van het universum. Als dat je niet aan het denken zet, heb ik geen enkel weerwoord meer. Ik denk alleen wat Darwin, en zijn gezelschap, zouden hebben geschreven, indien ze honderd jaar later hadden geleefd, en niet in de kinderschoenen van de wetenschap? In de evolutietheorie is “toeval” de knedende hand, en “natuurlijke selectie” de geduldige kunstenaar… maar dat doet ernstige vragen stellen. Hoe hebben het toeval en de natuurlijke selectie zo een ordentelijke en perfect evenwichtige natuurwereld kunnen voortbrengen?

De atmosfeer en vocht zijn essentieel voor het leven. Indien de aarde de afmeting van de maan zou hebben, zou de zwaartekracht onvoldoende zijn om het water en de lucht te verhinderen weg te vluchten.

De lucht werkt als een beschermend laken. Het beschut de aarde tegen energetische storingen. Deze omringende laag is een buffer tegen inslaande meteorieten die dagelijks bij miljoenen de aarde naderen en in de atmosfeer worden verbrand.

De continenten op zichzelf zijn eveneens merkwaardig. Zonder de geografie en de topografie van de aarde, zou er nauwelijks enige landoppervlakte te bespeuren zijn. Zou het allemaal het gevolg zijn van een beetje geluk : een landoppervlakte die gemiddeld 600 meter boven zeeniveau stijgt, en zeeën en oceanen die gemiddeld 2500 meter diep zijn ?

Als je nadenkt over de verschillende aspecten in het ontwerp van deze blauwe planeet, kom je onwillekeurig tot het idee, dat iemand dit allemaal samen heeft gebracht. Een Meester in de Ecologie schiep de ruimte zodat een grote variatie aan levensvormen konden bestaan, vanaf de diepste diepten in de kloven van de oceaan, tot de hoogste hoogten op de besneeuwde bergtoppen.
Henry de Lumly, een geoloog, was bezig aan het graven in een grot in Zuid Frankrijk. Hij legde daar eenvoudige werktuigen bloot, wat erg opwindend was. Hij ging door met zijn opgravingen en vond een bijna compleet skelet, De werktuigen, zo redeneerde hij, waren het bewijs van een denkende geest. Hij wist dat er een denkend wezen aan het werk was geweest om deze instrumenten te maken.
Waar wij ook kijken in de natuur, zien we ontwerp. Elk aspect verwijst naar organisatie, samenhang en planning. Het ene aspect kan niet zonder het andere. Van het zeshoekige sneeuwvlokje, tot de wemelende bewegingen van het atoom ; van de sterrenstelsels tot de bloedcellen die door de menselijke aders stromen… overal zien we intelligentie, organisatie, ingenieuze onderlinge verbanden. Deze vragen een Meester – Ontwerper. Als we naar Hem op zoek gaan, komen we bij de eerste bladzijde van de Bijbel, waar staat : “In den beginne schiep God de hemel en de aarde.” Genesis 1:1.

Je kunt naar de evolutie kijken, door de ogen van een wetenschapper. Maar laten we eens het probleem bekijken door de ogen van een leek. Het lichaam bestaat, zoals je weet, uit miljarden cellen. Ik kan me voorstellen dat je toch al iets hebt gelezen over de enorme complexiteit van de kleinste cel. Wist je dat de complexiteit hiervan vaak wordt vergeleken met het geheel van alle activiteiten van een wereldstad als Brussel of Parijs ? Alle wegen, waterwegen, elektrische leidingen, telefoonlijnen enz. in één enkele cel ! Lijkt het je logisch dat zoiets zo simpelweg ontstaat – zelfs na vele duizenden jaren… En wat was dan de bedoeling dat dit tot bestaan kwam ? Gewoon om zijn plaats in te nemen in de natuurlijke selectie ? Ik denk niet dat we teveel krediet moeten geven aan de verklaring van toeval en geluk. Een puzzle uit honderd stukjes zal gemakkelijker uit zichzelf op zijn plaats vallen, en dat elke keer opnieuw, duizenden keren na elkaar, dan dat zich in een steriele omgeving een eerste cel vormt. Of als je honderd kaartjes hebt, genummerd van 1 tot 100, is de kans om hieruit het nummer 1 te trekken, 1 op 100. De kans dat je ze één na één in de juiste volgorde kunt uitnemen , zou 17 zijn, met daarachter 152 nullen. Vermenigvuldig dit nog een paar miljoen keer, en je hebt een bescheiden idee welke onmogelijke omstandigheden moeten doorlopen worden om maar een fractie van deze complexe wereld tot bestaan te roepen. Om te kunnen geloven dat de samenhang en de schoonheid van alle fauna en flora van deze wereld, tot bestaan kwam door toeval, vraagt een immens geloof ! Mag ik je daarom vragen, of er geen alternatief antwoord is? Het lijkt me normaal om aan te nemen dat een schepping een Schepper vereist, dat de materie vraagt om een oorsprong, dat schoonheid wijst naar een kunstenaar, dat liefde het gevolg is van Iemand die zelf liefheeft. Omdat al deze zaken aanwezig zijn in de hele wereld, is het logisch dat een Meester, Schepper, Kunstenaar, een Bron van Liefde… moet bestaan, die het leven tot stand bracht, met al deze eigenschappen. Alles wat we kunnen aanraken, ruiken, proeven, horen… het vermogen om te denken en keuzes te maken, vragen om een intelligente oorsprong.

Wat zegt de Bijbel erover ? We lezen : “aanbidt Hem, die de hemel en de aarde en de zee en de waterbronnen gemaakt heeft” Dit is een geïnspireerde en aanvaardbare verklaring. God maakte alles in een logische volgorde. Dit kon niet door toeval zijn.

De Bijbel zegt : “In den beginne schiep God de hemel en de aarde.” en verder “in zes dagen heeft de HERE de hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin is, en Hij rustte op de zevende dag; daarom zegende de HERE de sabbatdag en heiligde die.” Er wordt nergens gesuggereerd dat het om lange tijdsperiodes gaat, alsof God afhankelijk is van materie of tijd. God is God en wij kunnen Hem met niets vergelijken. De hele Bijbel verduidelijkt dat de hele schepping Gods werk is, en dat zijn werk beëindigd was na zes dagen.

De schepping is voltooid. Vandaag schept God niet. Hij onderhoudt.
De kwestie evolutie of schepping is niet zo onbelangrijk als het lijkt. Wat iemand gelooft over de oorsprong, bepaalt voor de rest ook de inhoud van de rest van het geloof, het doel en de bestemming. Het is geen academisch vraagstuk dat geleerden moeten uitpluizen… maar een vitale en prangende vraag : wat wil ik geloven? Dit bepaalt iemands relatie tot God.

Als de evolutie juist is, zal de mens verder evolueren naar een superwezen met intellectuele vermogens die probleemloos alle moeilijkheden oplossen die op de weg komen. De meester-tovenaar zal dan het werk van de Schepper verbeteren, de genetische gebreken corrigeren en een superwereld creëren… De maatschappelijke, emotionele, psycholgische moeilijkheden zullen worden opgelost… maar er zal geen uitzicht zijn. Het zal dit leven zijn en niets meer. De mens in zijn evolutionaire proces, kan verontschuldigd worden voor zijn gebreken…

Maar de Bijbel leert, dat we zijn geschapen naar Gods beeld en gelijkenis., perfecte wezens. Door het verwerpen van God, ontstond chaos. Zonde is geen omgevings- probleem, maar is de mens, in conflict met zijn God. De Bijbel spreekt over degeneratie, niet over evolutie. De zondige mens heeft behoefte aan een Redder, Jezus Christus, om dit goddelijke beeld te herstellen.

De geldigheid van Genesis

De basis voor de Bijbel ligt in Genesis

Er wordt veel geschipperd met de geldigheid van gedeelten uit de Bijbel – en niet in het  minst uit Genesis. Onthoud dat als Genesis niet het fundament is, het eerste boek van de Bijbel, ook ons fundament van ons begrip van zoveel belangrijke thema’s wegvalt.

Mensen zeggen dat je niet echt gelukkig kunt zijn tenzij je weet waar je vandaan komt, wat je hier doet en waar je naartoe gaat. En dus is Genesis eigenlijk de basis voor alles. Bekijk het belang van Genesis bij het bestuderen van de Bijbel. Johannes 1:1-4: “In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. Hij was in het begin bij God. Alle dingen zijn door Hem gemaakt, en zonder Hem was er niets gemaakt dat gemaakt werd. In Hem was leven, en het leven was het licht van de mensen.”

Jezus staat helemaal aan het begin, in de fundamenten van Genesis. De grote dingen die er toe doen en die belangrijk zijn worden in Genesis gevonden. 

In de eerste plaats is God een God van liefde, omdat Hij schept. Hij creëert wezens met keuzevrijheid. Hij schept wezens die Hem kunnen aanbidden en liefhebben. Hij houdt van hen.

We zien ook dat God hier in meervoud wordt genoemd. “In het begin zei God: ‘Laat Ons mensen maken naar Ons beeld.'” En dan lees je over de Heilige Geest die over de wateren zweefde bij de schepping . Dus we maken kennis met God – niet alle details zijn ingevuld – maar we hebben tenminste een idee van een wezen van liefde, en we erkennen dat er een pluraliteit van de Godheid is: Vader, Zoon, de Heilige Geest en Johannes breidt dat uit en zegt: “Alle dingen zijn gemaakt door het Woord – Jezus.”

Dan is het interessant dat je niet alleen God de Vader, de Zoon en de Geest daar in Genesis aantreft, maar dat wanneer je bij Openbaring komt, er opnieuw staat: “De Geest en de bruid zeggen: ‘Kom'”, en dus kan je het laatste hoofdstuk van Openbaring lezen en dan zie je ze alle drie, door de Bijbel heen. In Genesis hoor je de eerste profetieën over de komst van de Messias. In Genesis 3 ontdek je waarom er zonde in de wereld is, de introductie van het kwaad. Je hebt de genealogieën in de Bijbel die de komende Messias verklaren via Abraham, David en, uiteindelijk tot Christus. De kracht van het gesproken woord ligt in Genesis. Daar zie je dat voor het eerst.

God zegt: “Laat er zijn”. Over alle dingen die God in die eerste week schept, spreekt Hij eenvoudigweg, en het gebeurt, behalve als het gaat om het scheppen van de mens. God vormde Adam uit het stof van de aarde, blies de levensadem in hem, en hetzelfde gebeurt wanneer Hij Eva schiep. Hij nam een rib uit Adam en creëerde Eva. We zien de kracht van het gesproken woord van God in die eerste scheppingsweek.

We ontdekken ook dat God in de eerste paar hoofdstukken van Openbaring iets heel goeds schiep, maar dat er daarna iets heel ergs gebeurde. We hebben de introductie, of de oorsprong van het kwaad, waarom er lijden en pijn in de wereld is, en het wijst er ook op wie de auteur van het kwaad is. Het is niet God, maar het is een tegenstander. Je leest in Genesis 3 dat de duivel komt in de vorm van een slang. Vanaf het allereerste begin van de Bijbel heb je de grote strijd tussen goed en kwaad, tussen God en Satan.

En dan vind je daar de belofte van herstel, omdat je ziet wat Gods ideaal is. Mensen zeggen: “Als God goed is, waarom is er dan zoveel lijden en ellende in de wereld?” Dat vind je in Genesis. Je leest: “God heeft alles goed, goed, goed, goed, heel goed gemaakt”, en dus zeg je: “Wat wil God voor ons?” ‘Elk goed en volmaakt geschenk komt van God’, en ‘God zal niets goeds onthouden aan degenen die de Here zoeken.’ En Jezus zei tegen de rijke jonge heerser: “Alleen God is goed.” Zo zie je de goedheid van God en Zijn verlangen om de mens in een paradijs te plaatsen, daar vanaf het begin.

Zonder het aanvaarden van de geldigheid van Genesis, kan je de Bijbel niet begrijpen.

De tekst van deze nieuwsbrief is een stukje uit de folder C59 – Genesis als basis – waar je de rest van het artikel kunt lezen. Prachtige inspirerende gedachten uit de Bijbel voor geloofsverdieping, verdeeld over 10 mappen (Geloof, Bijbel, Schepping, Zonde, Verlossing, Bekering, Toekomst, Profetie, Beloften en HouVast) – elk uitgelegd in ongeveer 30 folders per map. Deze tekst maakt deel uit van C59 – Genesis als basis – Je kunt de complete folder downloaden onder “Download flyers” in Map 2 – De Bijbel

Is de schepping geloofwaardig?

Dat is een mooie gedachte om op deze Kerstdag na te denken… Zonder schepping was er geen Schepper, is er geen zonde en is er geen Redder nodig… Het hangt allemaal aan elkaar.

Vanaf de eerste bladzijde van de Bijbel tot de laatste, vind je in klare taal uitgelegd wat God deed en doet, wat Gods plan is, waarom het op aarde gaat zoals het gaat, waarom het hier niet de hemel is en waarom er zoveel verkeerd gaat. 

Ik heb vaak gehoord “als er een God is” en de rest kan je erbij denken. Wat bedoelen mensen met “als” en wat zouden ze van Hem verwachten terwijl ze niet in Hem willen geloven?  Er is voorbedachten rade en velen hebben de evolutiegedachte omhelsd als een bevrijding, omdat het beter uitkomt om met geen God te moeten rekening houden. Dus is het : “er nu van genieten, pakken wat je kan pakken, want meer is er niet”. 

Is de evolutieleer wetenschap, en de schepping een religieuze aangelegenheid? 

Kan je nog geloven in de schepping, of anders gezegd : is schepping geloofwaardig? In het kort: ik zie geen andere mogelijkheid, noch voor mijn geloof, noch voor wat ik waarneem in het geschapene. 

Voor het ontstaan van het leven op onze planeet met zijn veelzijdigheid en complexiteit, zijn er twee mogelijke oorzaken, natuurlijke en bovennatuurlijke:

 > of het gebeurde als gevolg van puur natuurlijke wetmatigheden

>of door iets buiten de natuurlijke wereld.

Meer opties hebben we niet!

Wat ik geloof?

Na een grondige studie van de natuur en van Gods openbaring doorheen de Bijbel, ben ik overtuigd dat God, of preciezer gezegd: de God van de Bijbel, de wijze, goede en soevereine Schepper van het universum, de Bron van het leven en onze aarde is. Hij is de Kunstenaar en de wereld zijn projectiescherm. Toegegeven, rebellie, zonde en het kwaad in zijn duizenden verschijningsvormen, hebben een donkere sluier over de aarde getrokken, maar desondanks zijn de oorspronkelijke schoonheid van de schepping en haar eigenlijke oorsprong nog herkenbaar. Hoe verminkt de schepping ook mag zijn, blijft ze altijd haar verhaal vertellen. De duivel weet dat heel goed. Daarom doet hij al het mogelijke om de schepping haar luister te ontnemen, en iedere verwijzing naar die goddelijke expressie uit te wissen. De duivel spant zich in om deze voor bewoning gemaakte aarde, waar orde en harmonie heersen, zo te verstoren, dat de chaos en onherbergzaamheid niet meer doen denken aan een liefdevolle God. 

Velen denken dat God met het ontstaan van de wereld en van het universum niets te maken heeft. Ja, zelfs dat het bestaan van God twijfelachtig en een illusie is. Dat is natuurlijk hun goed recht, maar zij vergissen zich. Eenvoudig uitgedrukt: of God is onderdeel van de formule of niet. Daarvoor zijn sterke argumenten, waarvan ik er enkele noem in de eerste folder uit de reeks Schepping & Geloof .

De tekst van deze nieuwsbrief is een stukje uit de folder C66 – Heeft God geschapen? / Over de Schepping – Het is een nieuw project met een wekelijkse digitale folder. Prachtige inspirerende gedachten uit de Bijbel voor geloofsverdieping, verdeeld over 10 mappen (Geloof, Bijbel, Schepping, Zonde, Verlossing, Bekering, Toekomst, Profetie, Beloften en HouVast) – elk uitgelegd in ongeveer 30 folders per map. Deze tekst maakt deel uit van C66 – Je kunt de complete folder downloaden onder “Download flyers” in Map 3 / Schepping.

Een lied van de eerste christenen

Algemeen wordt aangenomen dat Kolossenzen 1:15-20 een vroegchristelijke hymne is die op een beknopte, elegante, diepgaande en poëtische manier de grootsheid van Christus als Schepper en Verlosser uitdrukt. Als een hymne, bevat deze twee strofen: Christus de Schepper (verzen 15-17); en Christus de Verlosser (verzen 18-20).

1. De Kosmische Christus (verzen 15-17)

De eerste strofe geeft ons een belangrijke inkijk in het kosmische werk van Christus. Hij wordt aan ons voorgesteld als “het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van de hele schepping” (vers 15 “eerste” in de zin van suprematie over de schepping). *De betekenis van deze twee titels wordt ontwikkeld door te stellen dat alle dingen zijn geschapen “door [en, “in”] Hem” – Hij is de Schepper van de kosmos, wat betekent dat Hij alle dingen in de hemel en op aarde heeft geschapen, zowel zichtbaar als onzichtbaar, evenals alle hemelse wezens (“tronen, of heerschappijen, of heersers, of autoriteiten” [vers 16]). Er worden drie voorzetsels gebruikt om de scheppingsdaad te beschrijven: Alles werd geschapen ‘in Hem’ (in eenheid met Hem; bij afwezigheid van zonde, vers 16), ‘door Hem [geeft keuzevrijheid aan]’ (vers 16) , en “voor Hem” (gericht op Christus als middelpunt) (vers 16, NASB). De hymne gaat verder met het verduidelijken dat de Zoon van God geen schepsel was, omdat Hij “vóór alle dingen” was (vers 17, NASB) en omdat zij “door Hem en voor Hem geschapen waren” (vers 17, NASB). 16, NASB). De tekst specificeert ten slotte dat “in Hem alle dingen bij elkaar blijven” (vers 17, NASB) – Christus is degene die de kosmos bij elkaar houdt en het bestaan ​​ervan in stand houdt. De eerste strofe vertelt ons wie de Zoon is met betrekking tot de schepping (Hij is het beeld van de onzichtbare God, de Schepper en de Onderhouder), en geeft Zijn superioriteit en suprematie aan over de hele schepping (de eerstgeborene van de schepping) als haar Schepper en Onderhouder.

2. Christus de Verlosser (verzen 18-20)

De tweede strofe identificeert de Zoon als het hoofd van Zijn lichaam, de kerk, en als het begin van een nieuwe mensheid. De titel “eerstgeborene uit de doden” (vers 18) benadrukt Zijn suprematie onder degenen die zullen worden opgewekt, want zonder Zijn opstanding is er geen opstanding uit de doden. Het concept van suprematie wordt verder gedefinieerd door de woorden “Hijzelf zal in alles de eerste plaats krijgen” (vers 18, NASB), dat wil zeggen: de Zoon zal herstellen wat van Hem was toen Hij alles schiep. Dit is mogelijk dankzij Zijn incarnatie: “Het was het grote genoegen van de Vader dat alle volheid in Hem zou wonen.” Het doel van de Incarnatie wordt verklaard: Alle dingen – in de hemel en op aarde – te verzoenen door Zijn offerdood. Op de een of andere manier zal de hele kosmos verzoend worden met de Zoon (Fil. 2:9-11).

3. Gedachten bij de Hymn

De eerste strofe stelt de Zoon voor als de Schepper die wezenlijk verschilt van de schepping: Hij is goddelijk. Zijn suprematie over en Zijn primaire rol binnen de schepping worden duidelijk aangegeven. Hij is het beeld van de onzichtbare God in de kosmos. Hij is het beeld van God en de eerstgeborene van de schepping wiens primaire verantwoordelijkheid het is om de goedheid van God aan de kosmos te openbaren. Het is op dit moment in de kosmische geschiedenis dat Hij deze belangrijkste rol op zich neemt. De eerste strofe beschrijft de toestand van het universum bij afwezigheid van een kosmisch conflict. De tweede strofe veronderstelt het kosmische conflict en beschrijft het werk van de Zoon als bestaande in de verzoening van de hele kosmos. De effectiviteit van dit werk is nu zichtbaar in Zijn suprematie binnen de kerk en zal door kosmische verzoening kosmische dimensies bereiken.

Weet gij het Niet ?

“Weet gij het niet ?” is het begin van de passage uit de Bijbel (Jesaja 40) die naar mijn gevoel van toepassing is op onze tijd vandaag. Het is een vraag die destijds bij monde van de profeet Jesaja werd gesteld aan het volk.
Wij kijken naar de wereld, we horen de nieuwsberichten, we lezen de kranten, het ontgaat ons niet wat er in de ether hangt… De natuurelementen vertonen vreemde veranderingen, en het zou kunnen dat we een beetje opgewonden of angstig worden als we dat allemaal zien. Maar het is God die ons zegt : Vrees niet.

Jesaja 43:1 “Maar nu, zo zegt de HERE, uw Schepper, o Jakob, en uw Formeerder, o Israël: Vrees niet, want Ik heb u verlost, Ik heb u bij uw naam geroepen, gij zijt Mijn.”

Als God spreekt, Wie spreekt er dan ?
Het zou kunnen dat God nog abstract is en dat we ons niet goed kunnen voorstellen Wie Hij is.
Jesaja40:15 “Zie, volken zijn geacht als een druppel aan een emmer en als een stofje aan een weegschaal; – 18 Met wie dan wilt gij God vergelijken en welke vergelijking op Hem toepassen?”
Alles wat we als mens kunnen kennen, is nooit in verhouding tot Wie God is. Gans dat hoofdstuk 40 staat vol met zaken waar wij steun en bemoediging kunnen in vinden. Vandaag de dag staat de autoriteit van Gods woord dikwijls ter discussie. Maar ik lees in vers 8 “Het gras verdort, de bloem valt af, maar het woord van onze God houdt eeuwig stand.”
Over dat gras en over die bloemen zal ik u straks nog iets zeggen. Het is buitengewoon, maar het vergaat. Maar er is iets dat nooit zal vergaan, dat nooit zal wankelen. Gods woord is tot in eeuwigheid.
Als dat de basis is, waarop wij bouwen, dan hebben we vaste grond. Er is daar geen twijfel over. Menselijke overleggingen komen en gaan. Het is eigenwijsheid en onderhevig aan invloeden, speculatie, verandering. Gods woord is eeuwig en onveranderlijk van het begin tot het einde. Van de eerste bladzijde tot de laatste.
Het vertelt ons over onze oorsprong, waar het verkeerd liep, over Gods grote actie om de verloren mens tot zich te trekken. Het is een brief vol beloften, vol vooruitzichten, vol kracht.
Gods woord is een accurate en betrouwbare bron, die ons vertelt over onze oorsprong. Daarom geeft het zo’n bevrijdend antwoord op de vraag : “waar kom ik vandaan?”

Gods woord staat onder permanente aanvallen van de Satan, want de Satan weet dat het de autoriteit is die hem veroordeelt. Hij haat dat woord en haat die mensen die zich vastklampen aan dat woord. En hij zal alles doen om de autoriteit van dat woord aan het wankelen te brengen. Eeuwen lang heeft Satan op alle mogelijke manieren geprobeerd om dat woord van de aardbodem te doen verdwijnen. Maar hij is er niet in geslaagd. Toen bedacht hij een andere strategie : “ik moet bij de mensen de twijfel doen opkomen, dat dat woord maar symbolisch is, dat men dat Woord niet letterlijk moet nemen, dat dit hoogstens wat opvoedkundige verhalen bevat. En dat dat woord goed was voor het verleden, maar nu hopeloos is ten achter geraakt. “

Dit plan heeft veel bijval gekregen en is zo populair geworden dat het langzaam maar zeker het woord van God van zijn troon verdringt. Zelfs al bezitten velen nog een Bijbel, zelfs al lezen sommigen die Bijbel nog af en toe, toch is het maar een klein kuddeke dat vasthoudt aan IEDER woord van God. Zegt Gods woord niet, dat “Elk van God ingegeven schriftwoord nuttig is om te onderrichten, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de gerech- tigheid?” Met Gods Geest moet dat mogelijk zijn. Als zoveel mensen de Bijbel raadplegen, maar tot verschillende conclusies komen, dan blijft de vraag: ‘hoe leest men de Bijbel?’

Tot 150 jaar geleden kwam bij weinig mensen – zeker niet bij christenen – de gedachte naar boven dat God mogelijk niet de Schepper zou zijn. Maar de kiem werd gelegd, waardoor in brede lagen van de bevolking de gedachte werd aangenomen dat door pure natuurlijke processen de hele levende wereld is ontstaan. Puur toeval.

En hoewel de hele natuur zelf – in al zijn geledingen – tegen deze aanname getuigt, hebben mensen zich vastgeklampt aan een gedachte die in de menselijke geest is opgekomen. Christenen hebben zelfs gezocht naar welke rol ze God kunnen geven in dat plaatje. Af en toe een duwtje, een beetje gestuurd,…

Als we God en zijn Woord slechts op zo’n manier willen zien, kunnen we net zo goed die Bijbel dicht houden, want wat heb je aan een God die gewoon een beetje inspeelt op de omstandigheden en ze ten beste keert….

Is het belangrijk om God te zien als onze Schepper ? Ongetwijfeld. Zonder vast te houden aan het scheppingsverslag, zoals het beschreven staat op de eerste twee bladzijden van de Bijbel, vervalt al het overige, en heb je de vrije ruimte om te filosoferen over goed en kwaad, het woord zonde vervangen we door neiging of vergissing. De hele geschiedenis van de offerdienst, tot en met het volmaakte offer van Christus heeft geen nut meer, van herschepping is geen sprake meer. Als God niet de Schepper was, kan Hij ook niet herscheppen. En dan kunnen we er nu het beste “van profiteren”. Dat is de conclusie die velen maken in de wereld.

Wij moeten er over waken dat ook ons geloof niet gaat verslanken en dat we het Bijbelse woord de plaats geven die het toekomt. Laten wij de wonderen zien en beamen : “Dit is werk van een Meester”.

Een andere aanval van Satan, is op de natuur zelf. Het liefst had hij die natuur zo verminkt, zo beschadigd, dat tenminste dat getuigenis van God er zou uit verdwijnen. Maar na alle misbruiken al die eeuwen, draagt zij nog steeds de handtekening van de liefde en kracht van de Heilige Schepper.

Nadat de aarde al 6000 jaar onderhevig is aan de vloek van de zonde, blijft een ongelofelijke schoonheid van al het geschapene ons vullen met verwondering.
Als we God danken voor alle zegeningen die ons elke dag van ons leven te beurt vallen, zouden we nooit mogen vergeten te denken aan deze onvergelijkbare wonderen die in de natuur kunnen gezien worden. Het bekijken, het beleven en het bewust op zich laten inwer- ken ervan, geven zoveel meer betekenis al ieder moment van ons leven.

Wat zou deze planeet zijn, zonder het rustgevende tapijt van levende groene grassen en kruiden? God hoefde de ruwe naakte grond niet te bekleden met een dergelijke bedekking. Om functioneel te zijn was er geen behoefte aan die heldere kleuren.

De menselijke wezens hadden in een andere omgeving geplaatst kunnen worden, een vale, grijze aarde en kleurloze planten. Maar het zou erg moeilijk geweest zijn om die factor van geluk en blijdschap te beleven in een niets zeggende entourage.

De Schepper Zelf was niet alleen een liefhebber van schoonheid; Hij hield ook heel erg van Zijn schepselen die Hij alle voorwaarden gaf om gelukkig te leven. Daarom overdekte Hij de aarde met ongeveer een half miljoen verschillende soorten contrasterende bloesems en bladeren. En verborgen in iedere kleine knop, legde God geheimen die een uitdaging en raadsel zijn voor de geniale wetenschappers op aarde.

Is het dan niet vreemd hoe zo weinigen van hen die wor- stelen met deze mysteries, bereid zijn om de Creatieve Kracht die dit alles heeft voortgebracht, te erkennen? Zelfs al is het zo dat veel natuurwetenschappers en natuurbewonderaars met ontzag de natuur gadeslaan, zijn er slechts weinigen die blijk geven van erkenning en waardering voor de Schepper.

Al ademen zij de wonderbaarlijke mengeling van stikstof en zuurstof, die het voor hen mogelijk maakt om te leven, weigeren de evolutionisten toe te geven dat het de pre- cieze samenstelling in verhouding van de gassen van 79 % op 21 % was, die ter beschikking gesteld werd door iets anders dan alleen maar wat blind geluk.

Kijkend door ogen die zo kwetsbaar zijn en zo fijn afgesteld, dat zelfs de hele wereld van wetenschappelijke genieën er bij staat te kijken, omdat zij niet in staat zijn dit wonder te dupliceren, of volledig te begrijpen in zijn werking; en ondanks dat blijven zij ongelovig en zien zij met hun eigen ogen het wonder niet dat hen mogelijk maakt om te zien.

En dan die oren, in direct verband met de hersenen, die complexer zijn dan de krachtigste of de grootste computer op aarde; toch luisteren de twijfelaars met die wonderlijke oren naar lezingen van humanisten en evolutionisten, en ontkennen hun Maker. Velen verwerpen de heili- ge oorsprong van datgene waarvoor zij geen empirische verklaring vinden, en schrijven de miraculeuze vermogens toe aan de materie zelf.

Wat voor soort geloof is er nodig om aan te nemen dat al de gewone processen in de natuur zouden voortgekomen zijn uit puur geluk? Bijna iedere plant en dier stelt ons voor verbazingwekkende feiten, vraagtekens, moei- lijkheden, waar geen ander woord voor is dan ‘mirakel’. Wonderlijke aanpassingen en unieke vorm, kleur, geur, functionaliteit, voortplanting, samenwerking met andere natuurlijke partners… het is echt verbazingwekkend.

Als deze supercomplexe functies konden bestaan, zon- der een intelligente Schepper of Ontwerper, dan worden onze redeneringsvermogens verzwolgen onder de miljoenen “toevalsfeiten” die met ongelofelijke precisie moeten gewerkt hebben om zoveel perfecte schoonheid, functionaliteit en voortplanting op aarde te kunnen voortbrengen.

Kunnen ze inderdaad de producten zijn van toeval of puur geluk? Elke wet van de wetenschap over het onderwerp besluit dat een ongedirigeerde, willekeurige natuur naar een verslechtering zou gaan in plaats van naar orde. De natuur is een gave van de Schepper uit de mens. Het is een uiting van liefde van God voor de mens. Het res- pect voor de natuur, kan een antwoord zijn op die liefde. Het is niets om achteloos mee om te springen. De schepselen zijn geen gebruiksvoorwerpen of productie-eenheden. Liefde voor al wat leeft is de juiste reactie die aan- toont dat men het geschenk van de Schepper aanvaardt.

“Beste Stefaan – Bedankt voor al die waardevolle teksten die je via Houvast en de site deelt met ons. De tekst “Getuigenis van een wetenschapper” heeft me erg doen nadenken. Heel diepgaand. Iemand heeft bewust om alles gegeven, een geschenk van goedheid om zorgzaam te koesteren en uit te dragen in een gemeenschap, die dat steeds mooier deelt. Alles is voorhanden. Ik denk er erg bij na. Toch heb ik moeite met de kerkgemeenschap, ook de Bijbel, de eerste mensen. Ik zoek of het niet anders is begonnen. Ik schrijf dit zo naar u, met deze dingen kan ik bij niet veel mensen terecht. Ik voel dat God moeite doet om me te overtuigen.”   EV

 

Fossielen zijn een enorme hindernis voor de evolutietheorie en zij ondersteunen de Scheppingsgedachte ten zeerste.’  –  Dr. Gary Parker
Bioloog-paleontoloog en voormalig evolutionist

“De natuur heeft me nooit geleerd dat er een God bestaat van glorie en oneindige majesteit. Ik heb dat op andere manieren moeten ontdekken.
Maar de natuur heeft mij laten zien wat het woord ‘glorie’ betekent.
Ik weet nog steeds niet waar ik dit anders had kunnen vinden.”  – C.S. Lewis.