Zeven in de Bijbel – 1

Het cijfer zeven is één van de betekenisvolste cijfers in de Bijbel. 

Het volgende is een vertaling van een hoofdstuk uit het boek Biblical Mathematics, geschreven door predikant Ed F. Vallowe.

Toen de mens getallen begon te analyseren en combineren, ontwikkelde hij interessante symbolen.

Hij nam het volmaakte wereldgetal VIER

en voegde er het volmaakte goddelijke getal DRIE aan toe

en kreeg ZEVEN, het meest heilige getal voor de Hebreeën.

Het was de aarde gekroond met de hemel – de vier windhoeken van de aarde (of de hele aarde) plus de VOLLEDIGHEID VAN GOD. Dus we hebben ZEVEN dat de VOLLEDIGHEID uitdrukt door de vereniging van aarde en hemel.

Dit nummer wordt meer gebruikt dan alle andere nummers in het Woord van God, behalve het nummer EEN.

In het boek Openbaring wordt overal het getal ZEVEN gebruikt. 

Er zijn 

  • ZEVEN kerken, 
  • ZEVEN geesten, 
  • ZEVEN sterren, 
  • ZEVEN zegels, 
  • ZEVEN bazuinen, 
  • ZEVEN schalen, 
  • het beest met ZEVEN horens, 
  • maar ook het Lam heeft ZEVEN horens
  • ZEVEN ondergangen en 
  • ZEVEN nieuwe dingen. 

ZEVEN symboliseert spirituele perfectie. Het hele leven draait om dit getal. 

ZEVEN wordt in de Bijbel meer dan 700 keer gebruikt. 

Het wordt 54 keer gebruikt in het boek Openbaring.

Het hele Woord van God is gebaseerd op het getal ZEVEN. 

Het staat voor de ZEVENDE dag van de scheppingsweek en verwijst naar de (zevende) duizendjarige rust”dag” Zesduizend jaar om te kiezen wie men wil dienen, duizend jaar voor diegenen die voor God gekozen hebben, om inzage te verkrijgen in de hemelse oordelen en om de wonden te helen en de tranen te wissen. Zeven staat voor VOLLEDIGHEID of PERFECTIE.

Zeven is het getal van God. Het laat zien dat wat in de geschiedenis gebeurt niet afhankelijk is van mensen, maar gebeurt volgens Gods voordienend plan.

Zeven is het getal van de volheid en voltooiing, van rust en overvloed. Zoals de zevende dag de scheppingsweek voltooide, zo maken de zeven zegels, bazuinen en schalen Gods plan voor deze wereld compleet.

Deze wereld is voltooid en het is spoedig tijd voor de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, of het Sabbatsmillennium, waarna de eeuwigheid voor de gelovigen begint.

In Leviticus 23: 15-16 is het getal ZEVEN en de sabbat, die de ZEVENDE dag was, verbonden met het woord VOLTOOID. Het woord VOLLEDIG volgt na de woorden “ZEVENDE SABBAT”. De dag na de ZEVENDE sabbat vond er iets NIEUWS plaats.

Het woord VOLTOOID is ook verbonden met het getal ZEVEN. In Openbaring 10: 7 lezen we: “maar in de dagen van de stem van de zevende engel, wanneer hij bazuinen zal, is ook voleindigd het geheimenis van God, gelijk Hij zijn knechten, de profeten, heeft verkondigd.

Het is GESCHIED” is een andere uitdrukking die wordt gevonden in verband met het getal zeven.

En de zevende goot zijn schaal uit in de lucht en er kwam een luide stem uit de tempel, van de troon, zeggende: Het is geschied. “ (Openbaring 16:17)

Het woord GESCHAPEN wordt ZEVEN keer gebruikt in verband met Gods creatieve werk. (Genesis 1: 1; Genesis 1:21; 1:27 (driemaal); 2: 3; en 2: 4).

God schiep alle dingen in het begin en nam toen zes dagen om Zijn schepping tot AANSCHIJN TE ROEPEN en rustte op de ZEVENDE dag. (Genesis 2: 1-3). God stelde ZEVEN dagen in voor de week, en de meeste, zo niet alle naties rekenen op die manier de tijd: ZEVEN dagen per week. Weinigen staan ​​erbij stil waarom er ZEVEN dagen in een week zijn. Er zijn talrijke experimenten geweest om de week anders in te delen, maar telkens opnieuw bleek dit een onwerkbare instelling en werd men gedwongen terug te keren naar de zevendaagse week. Geven atheïsten en ongelovigen God de Bijbel daarvoor de eer?

Zult u vergeten worden ?

Uit : Jezus en Satan / Alfred Deligne

Voor miljoenen mensen bestaat de Schepper niet meer, Wij hebben het punt bereikt waar onze theologie doodloopt in de duisternis. God is verdwenen achter de verbijsterende pres­tatie van de “mondige mens”. De laatste vonk van religie is in ontelbare harten uitgeblust. Daardoor is de nacht ingetreden en onze talloze neonlichten veranderen daar niets aan.

Men hoopt niets meer, men verwacht niets meer, de harten zijn leegge­lopen. Waar de toekomst verdwijnt, rijst de wan­hoop op. De mens is te ver gegaan. Er is geen weg terug… “Wij kunnen de machines niet meer stilzetten die wij zelf in be­weging hebben gebracht.” (Carrel)

Weinigen geven zich rekenschap van de ontzettende wer­kelijkheid. Onze tijd gaat veel verder in haar ongeloof dan eeuwen tevo­ren. De fundamenten zijn ondermijnd; kruis en Bijbel zijn tot ergernis ge­worden. Het is de eeuw van gezagsverwer­ping en stofaanbidding, die het leven tot een ramp maken.

“God is dood!” was de wanhoopskreet van Nietzsche. God wordt afgewe­zen omdat Hij niet beantwoordt aan onze be­grensde begrippen. Hij zou een god moeten zijn naar ons beeld en onze gelijkenis.

Maar is het niet waanzinnig dit grote probleem te willen op­lossen?

Is het onze roeping, de Almachtige die een ontoegankelijk licht bewoont, te verdedigen?

Overschrijdt onze rede haar grenzen niet, als zij meent God in bescher­ming te willen nemen en te willen pleiten voor zijn Voorzienigheid?

Heeft God advocaten nodig?

Wij kunnen onmogelijk in het volle licht staren zonder ons ge­zichts­ver­mogen schade te berokkenen. Zullen wij niet liever berustend buigen voor het geheimenis van het goddelijk licht? Ook de werkelijkheid en het raadselachtige van het kwade dat groeit in al zijn dimensies naarmate de beschaving groeit, kun­nen wij niet verklaren.

De meeste kerken kwijnen en zijn niet meer liefdevol en heili­gend ingrij­­­pend. Het diepste, het rijkste en het schoonste van hun geloof hebben zij verloren. Samen met de ongelovigen drinken zij uit de gebarsten waterbak­­ken van de wereld, in plaats van het progressief benaderen van God door Christus. Door scheuren en gaten is de wereld met haar verborgenheid der ongerechtigheid in hen binnengedrongen en schiep hun nog nooit bereikte onverschilligheid.

Walter Lipman schreef: “Mijn grootvader geloofde, en was gelukkig, mijn vader twijfelde, mijn kinderen trokken er zich niets meer van aan.”

De gelovigen, gedompeld in de meest geraffineerde weelde van de moderne cultuur, zijn ten dode opgeschreven. Eeuwenou­de vormen worden nog bewaard, hun christendom is tot een dorre dogmatiek, tot een versteende mummie gewor­den. De machten uit de diepte schijnen te triomferen. Slechts een ware Godsopenbaring in haar ontdekkend licht, kan klaarte brengen in dit tragisch probleem.

De geheimzinnige ontwrichtende macht van de zonde, wier tegenwoor­dig­heid niet te rechtvaardigen is, de incarnatie van een princiep dat tegenover de eeuwige wet van de liefde staat, heeft de gelovigen in haar greep. Er is ontzaglijk veel kaf. Gods volk moet in de zeef. Het goudgele graan moet van het kaf gescheiden worden.

Terwijl wij de geschiedenis schrijven met het bloed der ver­drukten, schrijft de liefde in het verborgen met goddelijk ge­duld, de historie van het heil, de onbekende heldenzang van de kinderen der liefde op weg naar hun eeuwi­ge bestemming. Hier is wellicht de hoogtelijn, de lijn der verdeling tussen twee mensenrassen, kinderen der wereld en kinderen des lichts.

Maar vele raadsels blijven onopgehelderd, zoveel dat wij den­ken te door­zien, blijft ons onverklaarbaar. Welke merkwaardige gebeurtenissen grijpen voortdurend plaats in onze hersenen, in dit nietig slijmerig orgaan? Het is onbegrijpelijk hoe een ganse wereld kan worden opgenomen in de voor het oog onzichtbare celletjes. Met de machtigste mi­croscoop kunnen wij niets ontdekken van de levens­drama’s die in onze hersencellen zijn opgeborgen.

Eindeloze opslagplaatsen waar de schatten der kennis worden bewaard, waar al ons lief en leed onzichtbaar wordt opgesta­peld. Heilige plaatsen waar onze geheimen zich bevinden, ook onze geliefden, ook deze die al lang gestorven zijn! 

David A. Mac Lennon zag op een oud kerkhof een grafsteen staan waarop hij las: “Gij denkt dat ik al vergeten ben, ik ben het niet!”

Maar zult u hetzelfde kunnen zeggen? Wij zijn stervelingen. We weten niet hoelang we hier nog zullen vertoeven. En dan? Was dit alles? Wat was mijn doel op deze aarde? Of zal ik worden herinnerd door Hem die de harten en nieren doorzoekt, en Doe weet dat ik Hem heb verwacht, op de opstandingsmorgen, wanneer de graven open gaan en de eeuwige dageraad aanbreekt.

Alfred Deligne beschrijft in Jezus & Satan de strijd achter de schermen. Twee machten strijden om onze aandacht en toewijding. Dit boek uit 1980 werd gedigitaliseerd en geïnteresseerde lezers kunnen het aanvragen.
Het boek maakt deel uit van de Digitale Module C / Christelijk Leven van Natur-El waarin meer dan 100 boeken, brochures, artikels, bijbelstudies… zijn verzameld.

Als je niet weet van wat en hoe

Eén van de gedichtjes van Winnie de Poeh attendeert ons erop dat het leven één valpartij is, “als men niet weet van wat en hoe”. Maar weet u wàt en hoè? Laat me een voorbeeld geven van iemand die het wel wist. Het was een wat oudere man, die als oud-student van een theologische faculteit in Chicago (VS), aanwezig was op de jaarlijkse hoogdag van deze campus. Het is een evenement dat midden in de zomer plaatsvindt op een grote weide in open lucht en heeft tot doel om toekomstige studenten warm te maken om te kiezen voor een theologische opleiding.

Ieder jaar worden befaamde denkers uitgenodigd om hun ideeën over godsdienst en christendom en theologie duidelijk te maken vanaf het podium en ook dat jaar werd een befaamd spreker en schrijver uitgenodigd om te komen spreken over een actueel thema.

De spreker in kwestie was dr. Paul Tillich, een man die heel wat boeken op zijn naam heeft en die het jonge en oudere publiek die voormiddag duidelijk maakte “dat de opstanding nooit had plaatsgehad”. Gedurende twee en een half uur, bracht hij het éne argument na het andere, citeerde hij de ene uitspraak na de andere om te bewijzen dat het geloof in de opgestane Jezus vals was, omdat Hij in feite nooit was opgestaan… Met de ondersteuning van al de schrijvers die hij daarvoor citeerde, deed hij dit af als een waanvoorstelling, een illusie, een vervalsing… Zijn conclusie was, dat gezien er geen sprake was van een historische opstanding, het geloof van veel christenen eerder berust op religieuze traditie – zonder grond – maar vooral gebaseerd is op emoties, kortom een fantasie-verhaal.

Het geloof kan je dan omschrijven als “het houvast in de Opgestane Redder die in feite nooit was opgestaan”, althans niet in letterlijke zin.

Na al zijn argumenten en zijn conclusies, werd het stil. Hij kondigde aan dat wie wou, gerust vragen kon stellen. Maar wie zou nog vragen durven stellen aan een wetenschapper die zo bevlogen, met zoveel autoriteit en met zoveel argumenten de feiten op een rijtje had gesteld?

Tenzij… in de hoek van het grasveld stond een oude predikant op en sprak zo luid mogelijk “Mr. Tillich”… ondertussen zocht hij in zijn rugzak een sappig appeltje en nam er een hap van… “ik heb toch een vraag…” terwijl hij rustig verder knabbelde aan zijn appeltje “Ik heb natuurlijk niet al die boeken gelezen die u daar citeert” en verder op het appeltje kauwend : “en ik kan ook niet al die argumenten die u geeft controleren op hun echtheid” appeltje… “ik kan dus ook niets vertellen over het hoe en waarom van al die argumenten van al die geleerden” appeltje… “maar ik heb toch een vraag”. De ogen van het grote publiek waren gericht op die geheimzinnige man en die stak het klokhuis van zijn appel omhoog “Weet u hoe deze appel smaakt? Proeft die zoet of zuur?” Tillich was verbijsterd over deze opmerking en probeerde aan de vraag te ontkomen door diplomatisch te antwoorden: “Maar beste meneer… ik heb uw appel niet geproefd. Hoe kan ik er dan over oordelen of uw appel zoet of zuur is?” De oude predikant besloot kalm maar direct : “Wel Dr. Tillich, dat is uw probleem. Zo kan men alle argumenten bij elkaar zoeken en daar prachtige voordrachten over geven. Maar net zo goed als u niet hebt geproefd van mijn appel, hebt u ook niet geproefd van mijn Jezus!”

Het talrijke publiek kon zich niet inhouden met applaudisseren en gelukwensen aan het adres van de oude predikant. Tillich van zijn kant dankte het publiek voor de aandacht en verliet prompt het podium.

Velen babbelen er vandaag op los. Als ik de uitleg hoor hoe men “het ontstaan van de wereld en van de planten en dieren” beschrijft, dan lijkt het alsof ze er zelf bij waren… Ze hebben zoveel te vertellen over allerlei zaken. Hypothesen worden voorgesteld als de enig denkbare wetenschap en het publiek slikt. Maar wat is hun “grond” van waaruit ze het zeggen? Welk belang hebben ze om zo te spreken?

Heb jij Jezus ʻgeproefdʼ? Anders gezegd: “Ben je al zover met Jezus op weg gegaan, dat je de smaak te pakken hebt en dat je Hem hebt leren kennen?”

Psalm 34:9 nodigt ons nochtans uit om :

“Smaakt en ziet, dat de Here goed is; welzalig de man die bij Hem schuilt.”

Behoefte aan zekerheid

Elke mens heeft behoefte aan momenten van rust en sereniteit. We kunnen jarenlang roofbouw plegen op lichaam en geest, en sommigen kunnen wellicht meer verdragen dan anderen, maar er zijn voor iedereen grenzen aan de draagkracht. In beproevingen en tegenslagen, ziekte of tegenvallende resultaten, kunnen mensen ook hun eigen vijand worden. Terwijl ze rust, vertrouwen en kalmte nodig hebben, kan hun geest de spanning verhogen, kunnen gedachten van angst en onrust de laatste druppel vertrouwen doen verdampen… 

Jawel, het leven kan hard zijn, er kunnen harde noten te kraken zijn en mensen kunnen klappen krijgen, tegenslagen verduren, mentaal en fysiek gekraakt worden… In alles blijft er behoefte aan houvast. 

Ik denk dan aan Jezus, lijdend aan dat ruw houten kruis, voor mij, voor u… In dat duistere moment van zijn leven, nadat Hij had gebeden “indien het mogelijk ware, laat deze beker aan Mij voorbijgaan”… ging Hij door tot het einde, verlaten van zijn Vader, verlaten van vrienden… tot wanneer die woorden klonken “het is volbracht!” Aan die woorden ging geen gemakkelijk leven vooraf. Van bij Zijn geboorte was er geen plaats, maar heel zijn leven vond Hij troost en kracht in het gesprek met zijn Hemelse Vader. En daar in dat duistere moment op Golgotha, was het akeligste, dat er geen antwoord uit de hemel kwam, dat de hemel bleef zwijgen… Maar ondanks dat, zie je daar Jezus, zoals altijd, boven de pijn uit, bekommerd om diegenen die achterblijven, begaan met mensen die hun zondigheid niet begrijpen, spot en laster trotserend. 

Kijkend naar Hem vind ik kracht, luisterend naar Zijn woorden vind ik bemoediging. Ik word stil want ik weet dat mijn Verlosser leeft. Ik bid voor mezelf, maar net zoveel voor u die dit leest, dat onze goede God ons rijkelijk van Zijn kracht mag toebedelen, gewoon voldoende voor elke dag. Mag zijn Woord u helpen houvast te vinden in die Woorden van eeuwig leven.

uit HouVast / jan. 2013

Brandnetels, een wilde groente

Brandnetels worden vaak tercht geassocieerd met de kwaliteit van het bloed. Ze worden vaak gezien als “Eerste hulp bij bloedingen” Deze vaste plant (Urtica dioica) is het meest gekend om zijn bijtende kwaliteiten die verdwijnen, na zeer goed fijngemalen te zijn. Het is één van de eerste eetbare gewassen die verschijnen in de lente.

De stengels en de bladeren, hebben een lichte bijtende uitwerking door het mierenzuur, wat verdwijnt wanneer de vezels zijn gebroken. Een halve kop (ongeveer 100 ml) brandnetelsap is een krachtige voedingsbron en bevat volgende essentiële vitamines en mineralen: 167 mg. calcium, 86 mg. fosfor, 3.2 mg. ijzer, 72 mg. natrium, 311 mg. kalium, 4,715 I.U. provitamine A, 57mg. vitamine C, 91mg. vitamine P (bioflavonoïden), 112 mg. magnesium en 7 mcg selenium.

Meng brandnetelsap met andere groenten of met appelsap, of voeg het toe aan een bereide soep, net voor het opdienen.

Jonge topjes en bladeren kunnen ook gestoomd worden en dan geïntegreerd worden in een groentemaaltijd.

Brandnetels kunnen ook rauw gepureerd worden en toegevoegd aan een aardappelpuree, een gemengde groentemoes…

Hartoedeem en chronische zwelling

Dr. Rudolf Fritz schrijft in zijn werk, één van de meest populaire werken (Lehrbuch der phytotherapie) over natuurlijke geneeskunde, de medische informatie die hij aan dokters gaf in verband met netelsap. “Kirchoff stelde vast dat puur sap, gemaakt van verse netels een definitief diuretisch effect heeft bij hartoedeem en aderinsufficiëntie. Recent onderzoek heeft ons voorzichtiger gemaakt bij het gebruik van vingerhoedskruid voor verzwakte hartcondities, en in zachte tot halfzware gevallen zal men altijd eerst een milde diuretische therapie proberen. Hier is netelsap zeker doeltreffend. Het heeft het grote voordeel goed verdragen te worden en is volledig onschadelijk, in tegenstelling tot de thiazides die zoveel gebruikt worden. In deze situaties kan netelsap de oplossing zijn, het kan gegeven worden voor het echt nodig wordt om zware synthetische diuretische middelen te nemen. Hetzelfde geldt ook voor andere indicaties zoals aderinsufficiëntie, en oedeem van andere origine, bijvoorbeeld bij chronische zwelling als gevolg van traumatische verwondingen.”

Dit zijn adviezen geplukt uit de “Groene Apotheek”.

Er zijn mij tientallen gevallen bekend van het gebruik van verse en gedroogde brandnetels voor allerlei klachten. Het voorbeeld van een oude vrouw is mij bekend. Sinds meer dan dertig jaar had zij constipatie. Hoewel ze de voorbije tien jaar dagelijks twee eetlepels gemalen lijnzaad at, bleef de constipatie hardnekkig. Op advies van een kruidenkenner begon ze dagelijks één tot twee etlepels gedroogde brandnetels onder gemalen vorm aan haar voeding toe te voegen. Hoewel haar gezegd was om verse brandnetels te gebruiken, gebruikte ze gedroogde planten omdat haar leeftijd en haar woonplaats haar niet toelieten om zich te bevoorraden van netels. Desalniettemin verdween haar neiging tot constipatie vrijwel volledig. Zij heeft – al meer dan drie jaar – dagelijks minstens één ontlasting, terwijl ze dagelijks haar twee eetlepels gemalen lijnzaad onderhoudt, aangevuld met twee eetlepels gedroogde brandnetelpoeder, wat zij meestal in haar soep verwerkt.

Al die mensen die zich de aankoop van graangrassen en chlorella en andere groenen niet kunnen veroorloven, hebben in brandnetel en andere wilde groenten een alternatief dat hun algemene voedingsconditie behoorlijk kan verbeteren. Zowel alfalfablad, spinazie als brandnetel bevatten redelijke hoeveelheden bladgroen. In alle gevallen werkt dit bladgroen zuiverend, ontgeurend, ontsmettend, darmreinigend, is rijk aan calcium en andere basische stoffen. Alleen reeds voor het op peil houden van de calciumreserves zou dagelijks een behoorlijke hoeveelheid groen moeten worden gebruikt, ook onder de vorm van brandnetels en wilde groenten.

Op deze manier zullen wij erin slagen het natuurlijke doel met onze gezondheid te bereiken : lang en gezond leven in harmonie met de natuur, waarbij de levenskrachten worden ondersteund door levende voeding die de kleur van de hoop draagt !

Een hand op je schouder

Niet elk moment in het leven is hetzelfde. Er zijn hoogtepunten, waar je misschien het gevoel hebt dat het nooit meer stuk kan, dat de wereld aan je voeten ligt. Je ziet de eindeloze mogelijkheden en uitdagingen. Je voelt je sterk en gezond… Ik bid erom dat het zo is, en dat God je, behalve die zegen, ook in gedachten geeft, dat deze wereld niet onze uiteindelijke bestemming is, en dat je mag weten dat dit geluk een gave Gods is. Vergeet dan niet Hem te danken en Hem de eer te geven die alleen aan God toekomt. 

Maar ook als het leven moeilijke dagen brengt, en dagelijks strijd oplevert om te overleven, om staande te blijven – fysiek of mentaal – weet dan, dat er Iemand is die wij om hulp kunnen vragen, Iemand waarbij we een schuilplaats vinden, Iemand die zegt : “Komt tot Mij, en Ik zal je rust schenken”. Hij is dichterbij dan je denkt, want zegt de Bijbel niet, “dat in al onze benauwdheid, dat ook Hij benauwd is”? Het is een ervaring om te weten, te voelen, dat Hij daar is, met troostende woorden en met de kracht die je nodig hebt voor het moment. Zoek je houvast bij Hem, die hemel en aarde schiep en die belooft “Zie, ik maak alles nieuw”. Uit die woorden haal ik kracht en ik probeer me voor te stellen hoe het zal zijn, alles nieuw… Nu voor altijd, definitief, een Paradijs. Zonder tranen, zonder armoede, zonder geweld, zonder haat, zonder negatieve gedachten en gevoelens… Lijkt het te mooi om waar te zijn? Leef je met het gevoel dat dit mensentaal is, en sprookje dat niet waar kan zijn? Dan heb je Gods woord nog niet begrepen. Dan heb je nog niet leren vertrouwen in Hem ‘die niet kan liegen’ en die zijn beloften nakomt. Ik hoor zijn stem in de hele natuur, die spreekt van Zijn heerlijkheid. Ik ben verbaasd en iets jubelt in mij, als ik zijn regenboog zie verschijnen aan de hemel. En ik denk aan de beloften aan Noach gegeven. Dan word ik stil, en wat er ook gebeurt, zelfs in moeilijke dagen, in ziekte, verdriet, conflicten, ben ik gerust. Want Zijn hand is op mijn schouder.