Over de Oorsprong

Er zijn twee redenen waarom de wetenschap, die zoveel dingen goed ziet, het zo verkeerd heeft wat betreft vragen naar de oorsprong: ten eerste bestudeert de wetenschap de natuurlijke wereld en zoekt alleen in de natuurlijke wereld naar antwoorden. Ten tweede veronderstelt de wetenschap dat natuurwetten altijd dezelfde moeten zijn. Deze beide veronderstellingen zijn verkeerd als het gaat om de vraag naar de oorsprong.

De eerste vereist natuurlijke oorzaken voor natuurlijke gebeurtenissen. Dat werkt prima als je orkanen volgt. Het is erger dan waardeloos wanneer je het hebt over de oorsprong die begint met ‘In het begin schiep God de hemel en de aarde’. Wat kan de wetenschap ons leren over een oorsprong die volledig bovennatuurlijk was, terwijl zij het bovennatuurlijke in de oorsprong ontkent? Wat te denken van natuurwetten die altijd hetzelfde zijn? Dit lijkt logisch als je geen rekening houdt met deze tekst: ‘Door één mens is de zonde in de wereld gekomen en door de zonde de dood, en zo is de dood voor ieder mens gekomen, want ieder mens heeft gezondigd.’ Dit veronderstelt een natuurlijke omgeving die geheel anders is en die kwalitatief verschilt van alles waar de wetenschap nu mee te maken heeft. Een wereld waarin de dood niet bestond, is radicaal anders dan alles wat we vandaag kunnen bestuderen. Als je dus aanneemt dat ze erg op elkaar lijken, terwijl dat juist niet het geval is, zal ook dit tot fouten leiden.

Daarom denkt de wetenschap verkeerd over de oorsprong. Ze ontkent twee belangrijke aspecten van de schepping: de bovennatuurlijke kracht erachter en het radicale verschil tussen de oorspronkelijke schepping en die waarmee we nu te maken hebben.

Waar was jij ? / Vragen en antwoorden uit een Houvast-artikel

Meditatie

‘Het hart is bedrieglijk boven alle dingen en erg slecht. Godsdienstleraars zijn niet bereid om zichzelf goed te onderzoeken om te zien of ze in het geloof staan. Het is een angstaanjagend feit dat velen steun zoeken bij een valse hoop. Sommigen steunen op een oude ervaring die ze jaren geleden hadden. Wanneer ze worden opgeroepen nu hun hart te onderzoeken, wanneer iedereen dagelijks ervaring zou moeten hebben met God, dan hebben ze niets te vertellen. Ze lijken te denken dat het aanspraak maken op de waarheid hen zal redden. Wanneer die zonden die God haat, worden onderworpen, dan zal Jezus binnenkomen en bij je zijn en jij zult met Hem zijn. Je zult dan goddelijke kracht aan Jezus ontlenen, en je zult met Hem samengroeien. In heilige triomf kun je dan zeggen: Gezegend zij God die ons de overwinning geeft door onze Heer Jezus Christus.

Het zou de Heer aangenamer zijn geweest wanneer lauwe godsdienstleraars zijn naam nooit hadden genoemd. Ze zijn een voortdurende belasting voor degenen die getrouwe volgelingen van Jezus zouden kunnen zijn. Ze zijn een struikelblok voor ongelovigen, en boze engelen jubelen over hen en bespotten de engelen van God met hun kromme levenswandel. Zij zijn een vloek voor Gods zaak in binnen- of buitenland. Ze komen tot God met hun lippen, terwijl hun hart ver van Hem verwijderd is.”

Ellen White, Spiritual Gifts, vol 2, p. 227

‘Christus stelde de hoop op aardse grootheid teleur. In de Bergrede trachtte Hij het werk ongedaan te maken dat tot stand was gebracht door verkeerd onderricht, en Zijn toehoorders een juist begrip te geven van Zijn koninkrijk en Zijn eigen karakter. Toch viel Hij de dwalingen niet op directe wijze aan. Hij zag, dat de ellende van de wereld te wijten was aan de zonde, maar toch gaf Hij hun geen levendige beschrijving van hun jammerlijke staat. Hij leerde hun iets dat oneindig veel beter was dan hetgeen ze gekend hadden. Zonder hun ideeën over het koninkrijk Gods te bestrijden, vertelde Hij hun over de voorwaarden om daar binnen te gaan, en liet het aan henzelf over om daaruit op te maken wat de aard van dat koninkrijk was. De waarheden die Hij leerde, zijn niet minder belangrijk voor ons dan voor de menigte die Hem volgde. Wij hebben er niet minder dan zij behoefte aan de grondbeginselen van het koninkrijk Gods te leren kennen.’

Robert Louis Stevenson werd in 1850 in Edinburgh, Schotland geboren. Stevenson vertelde hoe hij op een avond, terwijl het kindermeisje hem klaarmaakte om naar bed te gaan, naar het raam glipte en hij zag iets wat hem betoverde. Hij zag iemand die de staartlantaarns aandeed. Hij ging van de ene gaslamp naar de volgende. Met kinderlijke verrukking riep hij zijn kindermeisje naar zich toe en zei: ‘Kijk naar die man! Hij prikt gaten in de duisternis!’

Jesaja 42:9 Eindtijd profetie

.
Wat gisteren verteld is over morgen: Profetie – Spreekt En lost twijfel op…Het leven is een interessante bezigheid. Wat de dag van morgen brengt, daar hebben we vandaag nog weinig notie van. Het kan maar zo anders zijn dan wij zouden verwachten en dat hebben we het afgelopen jaar wel gemerkt…
Vandaag kunnen we plannen maken om ze morgen weer te mogen bijstellen. De toekomst is voor ons, als mens, in een zekere onzekerheid gehuld. 
De Bijbel beweert echter dat zij wél in de toekomst kan kijken. Wat de dag van morgen brengt is niet gehuld in duisternis, maar geopenbaard. Deze magnifieke claim maakt de Bijbel óf wel tot een hoopje samengeraapte fabels óf, indien zij dit kan waarmaken, tot wat zij beweert te zijn: Het Woord van God. 
Nu stelt de Bijbel niet dat zij een glazen bol van geluk is en dat eenieder die erin kijkt de mooiste van het land zal zijn. Daarentegen openbaart zij wel wereldgebeurtenissen waar ieder mens, ook u (!), mee te maken heeft. “Nieuwe gebeurtenissen kondig Ik aan; nog vóór ze aanbreken, laat Ik ze u weten.” En om te bevestigen dat dit niet zomaar uit de lucht komt vallen, is er voorgevoegd: “Wat ik vroeger voorzegd heb, is uitgekomen.” (Jes. 42:9) Met andere woorden, kijk naar het verleden, ook daar heb Ik gebeurtenissen aangekondigd nog voordat zij plaats vonden – en die zijn alle uitgekomen…
Dat geeft dus, aan de andere kant, de zekerheid dat gebeurtenissen die nog op stapel staan ook daadwerkelijk zullen plaats vinden. 
Overigens: dat geeft niet alleen een houvast – dat brengt ook hoop en vertrouwen naar de toekomst toe, juist in deze wanhopige tijden. Want waar gaat het naar toe in deze wereld? De Bijbel bespreekt onze bestemming en u bent van harte uitgenodigd om dat, voor ons aller welzijn, samen te bespreken.

Gelieve dit bericht te delen met ieder die belangstelling kan hebben. Wij vragen echter dit te doen met in gedachten wat Paulus leert in de brief aan de Korintiërs, nl. wij geven in geen enkel opzicht enige aanstoot, opdat onze bediening niet gesmaad worde (2 Kor 6:3)

Wie is verantwoordelijk voor de gezondheidsrisico’s van straatvoeding?

Sommige voedingsmiddelen- en drankenbedrijven geloven dat de consument verantwoordelijk is voor wat hij eet of niet eet, terwijl sommige bedrijven of producenten een deel van de schuld op zich nemen, of het toeschrijven aan de tijd, trends, of de maatschappij. Over het algemeen passen voedingsbedrijven verschillende tactieken toe om hun huidige bedrijfsmodel te beschermen. Het regelmatig eten van sterk bewerkte voedingsmiddelen, verzadigde vetten en toegevoegde suikers houdt verband met veel negatieve gezondheidseffecten. Fastfood is een van de grootste boosdoeners van de wereldwijde obesitas-epidemie, met daaraan verbonden veel andere risico’s als kanker, hart- en vaatziekten, diabetes, reumatische ziekten… Onderzoek toont aan dat een slechte voeding met veel junkfood op lange termijn kan leiden tot hart- en vaatziekten, diabetes type 2, sommige soorten kanker en zelfs tot een vervroegde dood.

In hun studie aan de Academy of Management Discoveries onderzoeken Professor Tobias Hahn en zijn co-auteurs aan de Universiteit van Manchester hoe voedings- en drankenbedrijven reageren op het publieke debat over obesitas. “Het is waarschijnlijk waar dat voedselbedrijven niet alleen de schuld hebben, maar ze spelen een grote rol. Een overweldigende meerderheid van gezondheidsstudies vertelt ons dat de voedingsindustrie een belangrijke rol speelt in de obesitas-epidemie.”

Maar er is een bijkomend probleem voor bedrijven die vetrijke, suikerrijke, bewerkte voedingsmiddelen en dranken produceren: ze worden geconfronteerd met een strategische spanning tussen hun kernactiviteiten en de sociale kwestie van obesitas. Voor velen van hen hangt de winstgevendheid grotendeels af van de verkoop van vetrijke, suikerrijke, bewerkte voedingsmiddelen en dranken. Het aanpakken van obesitas vereist echter een fundamentele verschuiving van deze producten. Dus als voedingsbedrijven obesitas willen aanpakken, moeten ze fundamenteel veranderen, maar dat vormt een bedreiging voor de kern van hun bedrijfsmodel. Geeft de voedingsindustrie dit deel van de schuld toe?

Een onderzoek naar de berichtgeving in de gedrukte media om te analyseren hoe bedrijven publiekelijk hun bedrijfsmodel rond obesitas verdedigden, laat zien dat sommige bedrijven proberen hun betrokkenheid bij gezondheidsrisico’s te minimaliseren door de verantwoordelijkheid te verleggen naar de consument. Ze beweren dat ze alleen maar aanbieden en dat het de consument is die de beslissing neemt. Het probleem is dat de consumenten geen controle hebben over de ingrediënten van sterk bewerkt, voorgekookt voedsel. Je verwarmt het in de magnetron en eet het op zonder echt te weten wat er in zit, noch je vragen daarover te stellen. Het is lekker, so what? …

We zouden de kleine lettertjes moeten lezen … Uit veel voedingsonderzoeken blijkt dat mensen gewend zijn geraakt aan een hoge suikerspiegel. Iets dat ogenschijnlijk gezond is, kan suikerniveaus tot wel 35% bevatten, terwijl voedingswetenschappers een limiet van 15 tot 20% aanbevelen. Er is een spanning tussen de bedrijfsmodellen van deze bedrijven – ze verdienen veel aan deze niet zo gezonde voedingsproducten – en gezondheidsproblemen zoals obesitas. Als de voedings- en drankenindustrie haar producten zou veranderen en gezonder zou maken, zou dat haar winstgevendheid in gevaar brengen. “Het herformuleren van de producten is eigenlijk niet zo eenvoudig omdat mensen gewend zijn aan hun smaak”…

Als voedingsbedrijven hun smaak snel aanpassen, blijkt uit onderzoeken dat veel mensen ze niet meer kopen. In het VK heeft de supermarktketen Tesco een populaire frisdrank niet meer verkocht vanwege de hoge suikergehalte en er was een enorme verontwaardiging op sociale media om dit terug te eisen en dat gebeurde ook… Is de consument dan de vragende partij? Het is een dubbel iets. Om te beginnen vergeten we dat de industrie eerst die smaak, die hunkering, die herkenning, die verslaving heeft gemaakt. De industrie houdt er een staf van rooddesigners op na, die voeding onweerstaanbaar kunnen maken, zodat je er niet omheen kunt. Enerzijds moet je eten, maar als je die behoefte zo kunt sturen dat mensen meer eten, en vooral meer van wat je te koop hebt, is het alle hens aan dek. In feite is het zelfs mogelijk om mensen zo’n voorkeur voor aardbeismaak te geven – terwijl ze een echte aardbei walgelijk gaan vinden…

Denk je dat bedrijven om onze gezondheid geven? Het interessante dat we ontdekten, is dat een aantal bedrijven het probleem niet ontkennen. Natuurlijk geven ze ook andere redenen voor obesitas, maar ze geven toe dat ze misschien een deel van het probleem zijn.

We identificeerden verschillende tactieken die bedrijven gebruiken om zichzelf publiekelijk te positioneren rond obesitas en om met die spanning om te gaan. De eerste tactiek is wat we deactiveren noemen. Net als in de begintijd van tabak, leveren deze bedrijven bewijs dat er geen verband bestaat tussen hun voedselproducten en obesitas. Maar ze liegen … Ze proberen de spanning weg te nemen door het in twijfel te trekken met uitspraken als “Het is niet waar dat onze producten je zwaarlijvig maken”. De andere manier om hun betrokkenheid in twijfel te trekken, is door het probleem te verwateren. In plaats van hun betrokkenheid te ontkennen, geven ze toe dat ze bijdragen aan het probleem, maar zeggen dat ook andere oorzaken bijdragen, zoals het gebrek aan lichaamsbeweging van mensen of het gebrek aan thuis koken bij mensen. of culturele gewoonten. Ze proberen hun rol in het probleem te minimaliseren om kritiek te verzachten.

Sommige voedingsbedrijven proberen hun verantwoordelijkheden naar de consument te verschuiven. Coca Cola zegt bijvoorbeeld dat ze een dieet hebben en geen opties, en dat de consument kan kiezen. McDonalds zegt dat je in al hun restaurants salades kunt eten en dat het niet hun schuld is dat mensen hamburgers en friet eten. Ze verleggen de spanning naar andere partijen en vooral naar consumenten. Het is waar dat niemand consumenten dwingt, maar sommigen zijn misschien niet goed geïnformeerd over de risico’s – alhoewel alleen maar betere informatie het ook niet zal rechttrekken. (In een publieke rondvraag stelden we aan 100 mensen de vraag wat gezonde voeding was, gevolgd door wat ze dachten dat ongezonde voeding was… en dat gaf wel degelijk een indicatie van de kennis van de consument over de risico’s van industrievoeding). Deze bedrijven beweren dat het niet hun verantwoordelijkheid is om hun consumenten op te voeden. “Het is een vrije wereld met vrije consumentenkeuzes, we doen alleen aanbiedingen, en verplichten niemand, dus het is niet onze schuld.”

De strategie van bedrijven als Coca Cola is bijvoorbeeld om mensen te vertellen dat als ze voldoende bewegen en bewegen, ze zoveel cola kunnen drinken als ze willen. Dit legt echt de schuld bij de consument.

De waarheid is dat de hele sector van bereide voeding (de hele sector van bewerkte verpakte voedingsproducten) problematisch is, en dat – hoe goed bedoeld en hoe veel betere ingrediënten er worden gebruikt, bv in bio-varianten van datzelfde product, want de consument wil een pesticidevrij alternatief – ongeveer alles wat verwerkt en verpakt is, nooit vergelijkbaar is met voeding waar je zelf de ingrediënten voor kiest. Wil je weten wat je eet? Bereid het zelf. En ook in je eigen keuken is het opletten geblazen. Als het erop aan komt, zal alleen meer vers, meer rauw, meer echt voedsel… helpen tegen obesitas en alle gezondheidsproblemen die ermee te maken hebben.

Vet en Voeding

Dr. Falconer zei : “We hebben geen idee hoe belangrijk Ellen White’s raadgevingen over vetten en olie wel zijn. In 6000 jaar hebben we het nooit zo op een akkoord gegooid als nu met de problemen met gehydrogeneerde margarine.” En natuurlijk zijn we herhaaldelijk gewaarschuwd tegen de oliebollencultuur met zijn in olie zwemmende koekjes, cakes en traktaties. 

In verband met vet zei Dr. White, de arts van President Eisenhower : “We moeten teruggaan naar de wetten van Mozes, 3500 jaar geleden gegeven en neergeschreven in Leviticus 3:17 : “Dit zij een altoosdurende inzetting voor uw geslachten in al uw woonplaatsen : gij zult volstrekt geen vet en geen bloed eten.”  Leviticus 7/23-24 voegt er aan toe : “Gij zult in het geheel geen vet van rund schaap of geit eten. Het vet van een gestorven of verscheurd dier  mag voor allerlei doeleinden gebruikt worden, maar eten zult gij het in geen geval.”

Exodus 29:2 vermeldt hoe van tarwe en olie koeken te maken, maar zegt ook wat ermee te doen : laat ze in rook opgaan… Zo zien we dat de Bijbelse raadgevingen de raad van Ellen White bevestigen : “Houd vet uit je voeding.”

Natuurlijke voeding is een belangrijk deel van natuurlijk leven. De Universiteit van Missouri vond een groot verschil tussen de voedingswaarde van voedingsmiddelen. Zij ontdekten één interessant feit, nl. dat als eetwaar (van nature) een goede smaak en geur heeft, het de noodzakelijke elementen in een evenwichtige verhouding bevat. 

Zij konden met de smaaktest net zoveel vertellen als met hun laboratoriumanalyses.  Proef daarom, of ruik op z’n minst aan alles wat jee eet – ook aan de appels, peren of meloenen die je koopt. 

Je geur en smaak zullen je zelden bedriegen. Als je echter op het domein van industrievoeding wil vertrouwen op geur en smaak – zeker als die smaak precies door die industrievoeding jarenlang is misleid – mag je er zeker van zijn dat je een radikaal verkeerde keuze maakt. En de vraag is of die nog ooit die betrouwbaarheid kan terugwinnen. Het is een utopie te denken dat de geur en smaak van het verleden ooit geheel uit je smaakgeheugen zal verdwijnen, samen met al de sensaties die ze opriepen.

Wist je dat de Natuurlijke Hygiëne zeer voorzichtig is met olie en vet. Dr. Gerson was categoriek : “Alle oliën stimuleren de groei van kanker”.  In feite maakte hij daar maar één uitzondering op. In een interview, vertelde Charlotte Gerson hoe haar vader had ontdekt hoe vetten de kankerontwikkeling versnelde bij kankerpatiënten. Het normaal werkzame bijna vegetarische dieet, kwam niet tot het normale resultaat, zoals hij dat zo dikwijls had kunnen vaststellen – en de enige reden was het vet. Eender welk soort vetten toegevoegd werd, deed het verhoopte resultaat wegsmelten tot quasi nul. En in bepaalde gevallen van overdaad was er zelfs een negatieve impact – van een normaal 100% goede voeding, aangevuld met oliën of vetten!!! (Gerson ontdekte trouwens hoe lijnzaadolie hier een uitzondering op vormt.) Dat is iets gans anders, dan wat je vandaag hoort en leest… Misschien zijn de vetten vandaag zoveel beter, of hebben we een of andere fantast aan het woord gehoord die iets te koop had? Maar onthoud dat vetten ieder spijsverteringsproces afremmen, terwijl een efficiënte spijsvertering een kordate en correcte aanpak vraagt.

God zien

Billy Graham schreef ooit over een gelegenheid waarbij hij soldaten bezocht in een veldhospitaal. Hij deed dat in het gezelschap van hun generaal. Het lichaam van een jonge soldaat ‘was zo vervormd dat hij met zijn gezicht naar beneden lag op iets dat was gemaakt van zeildoek.’ Een arts fluisterde Graham toe: ‘Ik betwijfel of hij ooit nog zal lopen.’ De soldaat richtte zich met een verzoek tot de generaal: ‘Generaal, … Ik heb voor u gevochten, maar ik heb u nog nooit gezien. Mag ik uw gezicht zien?’ De generaal kroop onder het zeil en ging op de grond liggen en sprak met de soldaat. Terwijl Graham toekeek, viel er een traan van de soldaat op de wang van de generaal.

Ten tijde van de geboorte van Jezus lag de mensheid verminkt en bloedend ter aarde. Zij had een genezende blik op God nodig. Het was alsof de mens smeekte: ‘O God, kunnen we uw gezicht zien?’ Door zijn Zoon naar deze planeet te sturen, zond de Vader de grote leraar met een opdracht naar deze wereld: om de mens zijn gezicht te laten zien. Sindsdien hebben we het wonderbare voorrecht om dit te aanschouwen: ‘de kennis van zijn luister, die afstraalt van het gezicht van Jezus Christus’.

Jezus kwam naar de aarde om mensen te laten zien wie de Vader is. In vroeger tijden kwam Gods openbaring met stukjes en beetjes via de profeten. In Jezus kwam de definitieve en volledige openbaring van God. Jezus is persoonlijk het beeld ‘van Gods hemelse majesteit’. Als zondige mensen konden we de volledige toegang tot de heerlijkheid van God niet verdragen. Jezus weerspiegelt die majesteit als de mens geworden Zoon. Die wordt als het ware gedimd door de menselijkheid van Christus, opdat we het kunnen zien en het karakter van God kunnen begrijpen. Jezus is ook ‘het evenbeeld van God’. Het woord dat hier wordt gebruikt, is het Griekse woord charactēr. Dat wordt soms gebruikt voor de indruk die een zegel maakt in was of voor de beeltenis op een munt. Als we de Vader willen leren kennen, moeten we goed luisteren naar wat de grote leraar over Hem zegt. We moeten ook goed naar Hem kijken. Je ziet de Vader in de Zoon.