Over de Oorsprong

Er zijn twee redenen waarom de wetenschap, die zoveel dingen goed ziet, het zo verkeerd heeft wat betreft vragen naar de oorsprong: ten eerste bestudeert de wetenschap de natuurlijke wereld en zoekt alleen in de natuurlijke wereld naar antwoorden. Ten tweede veronderstelt de wetenschap dat natuurwetten altijd dezelfde moeten zijn. Deze beide veronderstellingen zijn verkeerd als het gaat om de vraag naar de oorsprong.

De eerste vereist natuurlijke oorzaken voor natuurlijke gebeurtenissen. Dat werkt prima als je orkanen volgt. Het is erger dan waardeloos wanneer je het hebt over de oorsprong die begint met ‘In het begin schiep God de hemel en de aarde’. Wat kan de wetenschap ons leren over een oorsprong die volledig bovennatuurlijk was, terwijl zij het bovennatuurlijke in de oorsprong ontkent? Wat te denken van natuurwetten die altijd hetzelfde zijn? Dit lijkt logisch als je geen rekening houdt met deze tekst: ‘Door één mens is de zonde in de wereld gekomen en door de zonde de dood, en zo is de dood voor ieder mens gekomen, want ieder mens heeft gezondigd.’ Dit veronderstelt een natuurlijke omgeving die geheel anders is en die kwalitatief verschilt van alles waar de wetenschap nu mee te maken heeft. Een wereld waarin de dood niet bestond, is radicaal anders dan alles wat we vandaag kunnen bestuderen. Als je dus aanneemt dat ze erg op elkaar lijken, terwijl dat juist niet het geval is, zal ook dit tot fouten leiden.

Daarom denkt de wetenschap verkeerd over de oorsprong. Ze ontkent twee belangrijke aspecten van de schepping: de bovennatuurlijke kracht erachter en het radicale verschil tussen de oorspronkelijke schepping en die waarmee we nu te maken hebben.

Waar was jij ? / Vragen en antwoorden uit een Houvast-artikel

God Geneest nog steeds

Twintig jaar na de gedrukte uitgave, werd God Geneest nog steeds bijgewerkt en gedigitaliseerd. Het gaat diep in op het Waarom van het menselijk lijden en al de moeilijkheden in het leven.

Word niet gelijkvormig aan deze wereld, maar word hervormd door de vernieuwing van uw denken, opdat gij moogt erkennen wat de wil van God is, het goede, welgevallene en volkomene.”                Romeinen 12:1-2

Toen God de wereld schiep, wist Hij hoe de mens van Zijn weg zou afdwalen. Daarom heeft God zijn schepping niet minder gemaakt, maar méér. Hij voorzag in de complexiteit van bufferende elementen die in staat waren een geringe afwijking te corrigeren. Maar bovenal gaf Hij ieder levend wezen zelfhelende krachten, gebaseerd op de toepassing van de natuurwetten, die heilig zijn en goed. Hoe erg is het niet dat de christelijke gemeenschap weinig afweet van en evenmin aandacht heeft voor de levensweg, zoals door de Bijbel geschetst. 

In plaats daarvan is een soort Babylonische grootspraak die zich verheft boven God. In een vlaag van menselijke euforie “dat hij de wetenschap in pacht heeft en de natuurwetten heeft overwonnen” blijft als een hersenschim hangen in de geest van vele mensen. In plaats van de helende raad én daad van God, doorheen de natuur te aanvaarden, haasten christenen zich naar de gemakkelijkste oplossing. Zo geloven ze, dat het hun toegestaan wordt gewoon verder te leven zonder verantwoording te moeten afleggen over de zin en onzin van hun levensstijl.

Gods vertegenwoordigers op deze aarde

Door onze levensstijl, inclusief wàt en hoé we eten, draagt iedere mens een boodschap uit. Vergeet niet dat wat we eten en drinken gevolgen heeft op de wereldomvattende ecologische veranderingen. 

Ik geloof, dat het uitoefenen van gehoorzaamheid aan Gods natuurwetten, een signaal is van gehoorzaamheid aan God, wetend dat de door Hem geschapen wereld goed en heilig is en dat het leven niet is begonnen opdat het een einde zou kennen. Wie de toekomst van het nageslacht hypothekeert of in vraag stelt, handelt tegen de liefdeswet : “je naaste behandelen zoals je zelf wil behandeld worden”. Hoor je de drommen van mensen die niet begrijpend zullen roepen “Waarom toch?”, tengevolge van activiteiten waaraan je zelf medeplichtig bent geweest ? We kunnen niet vertellen dat we het niet wisten. We kunnen niet zeggen dat er niets aan te doen viel; dat het zo moest gebeuren… Het is een kwestie van medeplichtigheid. 

Aan welke kant stond ons hart ? Met welk gevoel hebben wij de situatie bekeken, en tengevolge daarvan in actie gekomen ? Hebben wij toen het er hard tegen aan ging met de verwoesters mee gehuild, of zijn we, ondanks de schijnbaar uitzichtloze situatie, blijven positief handelen ? 

Dat is mijn raad aan iedereen : blijf geloven in het leven. Alleen God heeft het recht het leven af te sluiten. In afwachting stellen wij liefst alleen positieve toekomsthandelingen. Het heeft zin een boom te planten. Het heeft zin een zaad aan de grond toe te vertrouwen. Het heeft zin om je gedachten en gevoelens om te polen tot het niveau waarop God ze wil : door liefde bewogen zorg dragen voor wat je ter beschikking is gesteld. 

Zo zullen sommigen één, twee of vijf talenten hebben… Wie veel gegeven is, zal veel gevraagd worden ! Maar ook de minste valt niet buiten de beoordeling. Als iedereen het beste geeft, komt alles voor mekaar. Laat dat de norm van de christen zijn : er het beste van maken.

Ook van voeding kan de mens “het beste” maken. ‘t Is te zeggen… er valt niet veel van te maken, want de voeding in zijn gunstigste conditie is door God “gemaakt” : ze is gegroeid en bevat het maximum aan levenskracht. Deze gegroeide voeding is gesublimeerde zonne-energie die we dagelijks nodig hebben. 

We zien dat honderden miljoenen mensen over de gehele aarde niet dié voeding gebruiken in zijn krachtigste staat. In plaats daarvan hebben ze menselijke uitvindingen, geniale “producten”, wonderlijke absurditeiten uit de hand van de Leerling-Tovenaar, ontsproten aan de menselijke geest : geïsoleerd, verhit, en gecombineerd naar eigen goeddunken. De mens is zijn eigen weg gegaan en vraagt nù : Waarom? – Waarom straft God mij nu… waaraan heb ik dit verdiend, terwijl ik zo goed God dien, op Hem roep, Hem aanbid, Hem probeer te verheerlijken met mijn lofzangen en dankliederen… Wij snappen er niets van en vinden daarom het leven maar een tranendal.

Hoe mooi en verheffend – en zelfs noodzakelijk – zingen en dankzegging, gebed en waardering ook mogen zijn, toch is ons eigen, persoonlijke gedrag bepalend. Het is niet God die straft, maar de mens die zichzelf straft, met de gevolgen van zijn eigen gedachten en daden. 

God is geen automaat, die al deze handelingen zomaar ongedaan maakt, die alle gepruts aan het leven compenseert met zijn levengevende krachten. Dat zou de mens alleen maar aansporen om verder te doen. 

Tenslotte is het ganse wereldse strijdtoneel misschien slechts het bewijs waarin tenslotte zal duidelijk worden tot wat “het kwaad” in staat is. Dit kwaad waaraan goedbedoelende mensen nietsvermoedend hebben meegewerkt…

God Geneest kaft