Een hemelse boodschap

Hemelse boodschapDe natuur, een brief met een hemelse boodschappastedGraphic.png

Ongetwijfeld zijn veel van onze lezers betrokken bij het leven in de natuur. Ik weet zeker dat diegenen die geleerd hebben om de natuur met zorg en respect te behandelen, die hun plaats in dat grote concept hebben begrepen, een deel van hun missie hebben vervuld. De aarde bewerken en bewaren is een opdracht en geen kleine. Je ziet hoe gemakkelijk wij afbreuk doen aan de continuïteit van de kansen op een goed leven op deze planeet. Iedereen kan zich de vraag stellen of de manier waarop men de natuur behandelt getuigt van goed rentmeesterschap of eerder van misbruik. Terwijl de hele schepping zo goed gemaakt is dat ze kleine vergissingen in levenswijze kan compenseren, is het ook zo dat als veel mensen op “een te grote voet” gaan leven, de gevolgen niet uitblijven. 

In de wereld staan milieukwesties bovenaan de agenda, niet altijd tot groot genoegen, maar uit noodzaak. Economie en eigenbelang gaan nog altijd voor de liefde voor de natuur. 

Liefde voor de natuur – liefde voor het leven… omdat we zo beter het werk van de Levengever op prijs stellen. 

Èn de “natuur”… wat bedoelen we daarmee? Kijk om je heen. Alles wat leeft, in het klein en in het groot.  Van de kleinste levende cel tot het aanschouwen van de eindeloze kosmos…

Met onze kennis van vandaag moet dat iemand veel dieper kunnen raken. Wat wisten de vorige generaties over de “cel”? Met de mogelijkheden van de wetenschap, hebben we nu enig idee hoe complex de eenvoudigste en niet verkleinbare levensvorm van de “eencelligen” is.  Mochten er lezers zijn die zich hiervoor interesseren, dan nodig ik je uit om de DVD’s van het Moody-institute te bekijken. Er is op dit moment zoveel educatief materiaal met wetenschappelijke fundering, geheel in harmonie met de bijbelse ontstaansgeschiedenis. Of het gaat over de planten, de bloemen, de vlinders, insecten, dieren, het klimaat, de zon… over al deze onderwerpen bestaat voldoende documentatie die geen ruimte laat voor de evolutie-gedachte. 

De evolutietheorie is een “theorie”, meer niet. In feite heeft deze theorie op haar aanhangers een betoverende uitwerking. Er is zoveel geloof voor nodig en toch wordt dit als “wetenschap” gepresenteerd, terwijl het alle kenmerken van een religie heeft.  De evolutie-theorie is in het leven geroepen om het idee kwijt te raken dat er een hogere macht is die controle heeft over het leven en die op een bewuste manier leiding geeft aan wat op aarde gebeurt én waar je verantwoording aan moet geven. 

Zonder schepping is een Schepper maar een denkbeeld, een illusie. Zonder schepping is God maar een maaksel in de geest van mensen. Geen pottenkijker meer in je leven, geen verantwoording meer schuldig, weg de idee dat er Iemand is die alles ziet, die je begluurt, weg oordeel en veroordeling. Het is hier en nu. Je moet het er hier goed van nemen. 

En zo gebeurde het dat de evolutietheorie aanvaard werd als wetenschappelijk gefundeerd en de scheppingsleer als een puur religieuze zaak. De schepping en God verdwenen uit de scholen en de schoolboeken en de evolutieleer begon het onderwijs te domineren. 

Zo zien we al meer dan 150 jaar* hoe door het verdwijnen van de plaats voor God en zijn instellingen, zelfzuchtige motieven meer en meer de overhand krijgen. 

(* Bepaalde overwegingen die door Darwin werden geïntroduceerd waren zelfs niet origineel van hem en bestonden trouwens al toen hij zijn “Oorsprong der soorten” schreef.)

Alle wetenschappelijke kennis ten spijt, blijft een knop aan een boom, die zich ontvouwt tot een prachtig blad, een wonder waar ik eindeloos kan over mediteren.  De hele waarneembare wereld vervult me met verwondering, van het kleine grassprietje tot de vlinder die uit zijn cocon komt. 

In de Romeinenbrief lezen we : 

“Want hetgeen van Hem niet gezien kan worden, zijn eeuwige kracht en goddelijkheid, wordt sedert de schepping der wereld uit zijn werken met het verstand doorzien, zodat zij geen verontschuldiging hebben.” Romeinen 1:20 

Geen verontschuldiging. Kies wat je wil geloven, maar het heeft consequenties voor nu en later. 

Heel zeker hebben we allemaal reeds vòòr die grote, eindeloze zee gestaan omringd door water, zand en een overweldigende lucht:  de natuur!  Een verkwikking voor de mens tussen dagelijkse zorgen en drukke levensomstandigheden.  Waarschijnlijk heb je ooit blijven stilstaan voor de kleurenpracht van een zonsondergang en daarbij bedacht hoe nauwkeurig het hele universum is geregeld, dat zelfs eeuwen van tevoren kan voorspeld worden hoe de planeten zich zullen verhouden.

De natuur geeft ongetwijfeld rust en ontspanning naar lichaam, ziel en geest; in één woord voor de mens in zijn geheel. We voelen ons beter, eenvoudiger en we genieten van al het mooie dat ons verkwikt. Het is mogelijk dat veel mensen teveel binnen blijven en een te beperkte band hebben met de natuur. Hoe gering deze band ook zou zijn, is er toch altijd iets dat je zou moeten inspireren om de machtige hand van de Schepper te zien. Als je begint vragen te stellen over waarom en hoe, loop je met iedere theorie vast. Alle wegwijzers lijken naar God te wijzen.

De natuur is een machtig gegeven. Het is een boek met een verhaal.  Er is méér dan zomaar genieten … In de natuur vinden we de machtige handdruk van een liefhebbende God. 

Heb je er over nagedacht waarom de natuur zoveel schoonheid herbergt, waarom er zoveel verscheidenheid is in vormen, kleuren, zoveel variaties in leven… Ik kan daar alleen over denken dat een liefhebbende God daarin zijn liefde heeft gelegd voor zijn schepselen, met de bedoeling dat wanneer al zijn schepselen deze wonderlijke wereld zouden bekijken, zij naar de hemel zouden opkijken, dat er in hun binnenste een lied zou dringen, om de Maker van dit alles te verheerlijken. “Heeft de regen een Vader ?  Of wie heeft de dauwdruppels verwekt ?” (Job 38:28).  

Die vraag aan Job gesteld, kan ook ons doen vragen :  wie en wat steekt achter die natuur?  Welke immense kracht of wijsheid wordt weerspiegeld door die natuur ?  Wat is dat méér in de natuur ?  Het antwoord staat in Job 5:10: “Hij geeft de regen op de aarde, en giet water uit over de velden”.

Begrijpen we dat het klotsende water oneindigheid bevat? Begrijpen we dat een machtige, ongeziene hand de rimpels van de baren vasthoudt?  Begrijpen we dat de natuur het beeld uitstraalt van haar Maker? Dat ze getuigt van God?  

De menselijke geest die open staat voor het wonder en het diepe raadsel van de natuur moet erkennen voor iets Goddelijk-groots te staan, een ondoordringbaar mysterie dat ook in ons mensen schuilt. “Zijn grootheid is ondoorgrondelijk” (Psalm 145:3).  

En dan, als  dit mysterie ons aangrijpt is het goed te zwijgen en te luisteren. Het oor openzetten voor nooit gehoorde muziek. In het gezang van de vogels of in het spreken van de stilte… Er is iets, er hangt een zindering in de lucht, een onmeetbare kracht, een macht die het menselijk denken te boven gaat.  Alleen zijn met de natuur en God en met de verkwikkende ervaring van stilte, rust en diepe vrede. Luisteren naar de wind in de bomen, naar het ruisende koren … want zijn beschermende liefde omringt de hemel en aarde, omringt ons mensen.  “Neigt uw oor en komt tot Mij; hoort, opdat uw ziel leve”  (Jesaja 55:3).  

Is dat geen uitnodiging ?  Als we luisteren en ons oor zo neigen – bereidwillig zijn om het te horen –  ervaren we Gods goedheid.  Hoe liefelijk ontspruit de lente in de knoppen aan de bomen; nieuw leven:  overwinning op de harde winterdood.  

Ik denk dan : zo’n jaar met zijn vier seizoenen, is dat de weerspiegeling van mijn leven, dat, nadat ik mijn leven heb neergelegd in vertrouwen op God en mijn Redder, nieuw leven zal doen ontstaan? Tot de zomer vol rijpe vruchten hangt en de herfst schone kleuren draagt. Ieder seizoen heeft zijn taal en het is zo bijzonder. 

Ik heb een televisie, alleen om af en toe een DVD te bekijken. Ik zie niet dagelijks de programma’s die de grote massa betoveren, maar als ik ‘s morgens de gordijnen opentrek, dan zie ik daar Gods televisie. Ik heb uitkijk op het leven, ik zie de schoonheid van wat Hij heeft gemaakt. En ik dank God, dat ik het mag zien, horen, beleven. Ik zie de mens en denk: wat een wonder, in feite een oneindige verzameling van wonderen. Of het de planten- of dierenwereld is, of de natuurfenomenen, het heeft allemaal iets bekoorlijks. We ervaren de rozenknop en de prachtige rozen die zich ontvouwen, we ruiken de betoverende aroma’s. We vragen ons af, waarom die doornen? Distels en doornen herinneren aan het kwade dat vernietigt. Ze herinneren aan de zonde, aan de afwijking van Gods plan, aan de eigen weg van de mens, los van God. Wanneer we onze eigen weg gaan en van God noch gebod nog willen weten, moeten we God de doornen niet verwijten. De roos getuigt van Gods plan, zijn liefde die herstelt, die overwint.  Een diepe les, gegrift in de natuur, die ons tot aan het kruis brengt met Jezus als overwinnaar.

“Jezus is de overwinnaar van de dood en Hij alleen heeft het eeuwige leven aan het licht gebracht”.   en “De enige macht die ware vrede kan scheppen of kan doen voortduren, is de genade van Christus”  (E. White). De natuur is een onuitputtelijke bron van wijsheid en vreugde voor iedereen die open staat voor wijsheid en vreugde.  

De natuur leert geduldig te zijn… Het volstaat de natuur te aanschouwen om een idee te hebben hoe klein wij zijn tegenover onze oneindig machtige Schepper, voor wie tijd van geen betekenis is. Geduldig zijn… hoe rustig wordt het daglicht geboren, zonder slag of stoot, wordt het dag. 

Hoe zacht vloeit het water door de beken !  Te weten dat zijn liefde alle leven omvat, – van de zandkorrels aan zee tot de hoogste toppen van de bergen-, stemt dankbaar.  Dankbaar omdat wij mensen ook in zijn liefde omvat worden.

Durf luisteren, dan zal het zwijgend spreken betekenis krijgen. In de drukte, het lawaai van alledag gaat Zijn zachte stem verloren. We kunnen dit zwijgend spreken maar opmerken als we aandachtig met hart en ziel luisteren.  Dan pas zullen we ten volle genieten van dat wonderbare en kostbare natuurschoon, van het leven zelf. Het is aan alle mensen gegeven, zonder onderscheid. Iedereen krijgt in de natuur zelf, het grootste en machtigste voorwerp tot genot. 

In de rood-oranje speling van de ondergaande zon op het water is zijn tegenwoordigheid, die herinnert aan het Eeuwige. Dat is zo mooi in de natuur. Het is een spiegel waar je kan in kijken. De natuur is een ontdekking, een bron van vreugde, een kans waarin wij, vreugde belevend en genietend, God dank zeggen voor alle goeds. 

In het wisselende ritme der seizoenen, in de regen die verfrist, in de zon die kracht geeft, in de wind die  nog alleen verspreidt :  

“Juicht God, Gij ganse aarde” (Psalm 66:2).

Categorieën:

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s