Indien gij wildet…

Ik heb altijd geleerd dat “de wil” het begin van alles is. Iemand die gewillig is, komt in ieder geval in beweging. Maar willen is meer dan wensen. Iedereen wenst vrede, geluk, voorspoed… maar wensen gaat niet gepaard met een engagement. Terwijl, als je iets echt wil, doe je er iets voor.  Je moet natuurlijk weten wàt, en dus moet je instructies krijgen en als het gaat om het geloof, “uit goede bron”.  In Deuteronomium 8 klinkt echter al : “omdat gij naar de stem van de HERE, uw God, niet wilde luisteren”. 

Dat is opgeschreven voor u en mij en houdt ons een spiegel voor. Zijn we ook vandaag, zoveel eeuwen later gewilliger om te luisteren?

We kennen de woorden van Jezus in Mattheus 23:37-38 : “Jeruzalem, Jeruzalem, dat de profeten doodt, en stenigt, wie tot u gezonden zijn, hoe dikwijls heb Ik uw kinderen willen vergaderen, gelijk een hen haar kuikens onder haar vleugels vergadert, en gij hebt niet gewild.” Daar was dan hun  Koning en Heer, Hij waarnaar de profeten vooruitwezen, waar vanaf Adam was naar uitgekeken, Hij die sprak en het was er, die sprak zoals niemand voor Hem ooit had gesproken… Hoe tragisch, dat ondanks dat alle tekenen op Hem wezen, ze niet het geestelijke oog hadden van Simeon en Hanna. En weer kunnen we zeggen… “en wij?” Is ons oog beter geoefend om de waarheid te ontdekken en de schriften te onderzoeken en daaruit te leren wat God van ons wil? Zullen wij ons niet laten misleiden door succesrijke groepen, pracht en praal, aanzien, macht, de show, het aantal… in plaats de eenvoud van die eenvoudige man van Nazareth, met zijn eenvoudige boodschap die niet verandert. Kan ook niet – want alles wat God doet is eeuwig. 

Zou het mogelijk zijn dat we vandaag verloren lopen tussen de bijkomstigheden en de essentie missen? Iemand vroeg me recent hoe het komt dat ik – een leek – mij zo tot het evangelie en de verkondiging aangetrokken voel… Ja, voor sommigen is het extreem, een beetje religie, dat wel, maar niet teveel. Dat is niet wat de Bijbel me leert. God is niet tevreden met halve keuzes. 

In Jeremia 5:3  vraagt de profeet zich af : “Gij hebt hen geslagen, zij voelden geen pijn; Gij hebt hen vernield, zij hebben geweigerd tuchtiging aan te nemen; zij hebben hun aangezichten harder gemaakt dan een rots, zij hebben geweigerd zich te bekeren.” en in Jesaja 30:15 : “Door bekering en rust zoudt gij verlost worden, in stilheid en vertrouwen zou uw sterkte zijn, – maar gij hebt niet gewild.”

Wat hebben wij niet gewild? Is het zijn liefde? Nemen we aan. Maar zijn onderwijzing? Dat is ouderwets. Een mens moet niet te ‘wettisch’ zijn… Laten we ieder woord onderzoeken, zoals Johannes 5 beschrijft : “Gij onderzoekt de Schriften, want gij meent daarin eeuwig leven te hebben, en deze zijn het, welke van Mij getuigen,en toch wilt gij niet tot Mij komen om leven te hebben.” We willen wel het leven, maar niet hét Leven, niet Zijn vraag: kom en volg Mij…

Laat alles los en vertrouw op Mij, laten we samen overleggen… Zo leer je Mij kennen.” “Want dat is het eeuwige leven, dat zij U kennen, Vader, en Jezus Christus die U gezonden hebt.”

Dat is wat Jozua het volk voorhield : “leven of dood – zegen of vloek”.
Mijn gebed voor u is : “kies dan het leven”!

Het verhaal achter “Welk een vriend is onze Jezus”

De grote Amerikaanse evangelist Dwight L. Moody nam het lied “Welk een Vriend is onze Jezus” op in zijn preken, geschriften en leringen. Het is geschreven door een geëmigreerde Ier in Canada.

Joseph Scriven had rijkdom, opleiding, een toegewijd gezin en een prettig leven in zijn geboorteland Ierland. Joseph, zoon van een kapitein van de Britse Royal Marines, werd in 1819 in Ierland geboren. Nadat hij zijn universitaire graad had behaald aan het Trinity College in Londen, schreef hij zich in aan een militaire school om zich voor te bereiden op een loopbaan in het leger. Een slechte gezondheid dwong hem echter om die ambitie op te geven. Joseph vestigde zich spoedig nadien als leraar, werd verliefd en maakte plannen om zich in zijn geboortestad te vestigen.

Toen gebeurde het onverwachte. Op de avond voor het geplande huwelijk van Scriven verdronk zijn verloofde. In zijn diepe verdriet realiseerde Joseph zich dat hij de troost en steun die hij nodig had alleen kon vinden in zijn dierbare Vriend, Jezus.

Kort daarna verliet Scriven Ierland om een ​​nieuw leven te beginnen in Canada. Hij vestigde een huis in Port Hope, waar hij Eliza Rice ontmoette en verliefd werd. Slechts enkele weken voordat ze de bruid van Joseph Scriven zou worden, werd ze plotseling ziek. Binnen enkele weken stierf ook Eliza, de tweede verloofde van Scriven.

Een verbrijzelde Scriven wendde zich tot het enige dat hem tijdens zijn leven had verankerd: zijn geloof. Door gebed en bijbelstudie vond hij niet alleen troost, maar ook een missie. De vijfentwintigjarige Scriven veranderde zijn levensstijl drastisch. Joseph legde een gelofte van armoede af, verkocht al zijn aardse bezittingen en zwoer zijn leven in te zetten voor lichamelijk gehandicapten en financieel behoeftigen. Vaak gaf hij zijn kleren en bezittingen weg aan mensen in nood, en werkte hij onbetaald voor iedereen die hem nodig had. Scriven werd bekend als “De barmhartige Samaritaan van Port Hope.”

Het verhaal gaat dat twee zakenlieden op een straathoek in Port Hope stonden, terwijl een kleine man met een zaag langsliep. Een van de zakenlieden zei: “Nu is er een man die gelukkig is met zijn lot in het leven. Ik wou dat ik zijn vreugde kon kennen. Misschien kan ik hem zover krijgen dat hij mijn wintervoorraad hout zaagt.’ De andere zakenman antwoordde: ‘Ik ken die man. Hij zou je brandhout niet hakken. Hij hakt alleen hout voor de financieel behoeftigen en voor degenen die lichamelijk gehandicapt zijn en hun eigen brandhout niet kunnen hakken.”

Tien jaar nadat Eliza stierf, kreeg Scriven te horen dat zijn moeder erg ziek was geworden. Vanwege zijn gelofte van armoede had Joseph niet het geld om naar huis te gaan om voor haar te zorgen. Hij was diepbedroefd en voelde de behoefte om contact met haar op te nemen. Hij schreef een troostende brief met de woorden van zijn nieuw geschreven gedicht, met het gebed dat deze korte regels haar zouden herinneren aan een nooit falende Vriend die ze in Jezus had.

Enige tijd later, toen Joseph Scriven zelf ziek werd, zag een vriend die hem kwam bezoeken toevallig een kopie van woorden die op een stuk papier naast zijn bed waren gekrabbeld. Na het lezen van de gekrabbelde woorden vroeg de vriend: “Wie heeft deze mooie woorden geschreven?” Scrivens antwoord: “De Heer en ik deden het met ons twee.”

Dit zijn die gekrabbelde woorden…

Welk een vriend is onze Jezus,

die in onze plaats wil staan.

Welk een voorrecht dat ik door Hem,

altijd vrij tot God mag gaan.

Dikwijls derven wij veel vrede,

dikwijls drukt ons zonde neer,

juist omdat wij ’t al niet brengen,

in ’t gebed tot onze Heer.

Zijn wij zwak, belast, beladen

en terneer gedrukt door zorg.

Dierb’re Heiland, onze toevlucht,

Gij zijt onze hulp en borg.

Als soms vrienden ons verlaten,

gaan wij biddend tot de Heer,

in Zijn armen zijn wij veilig,

Hij verlaat ons nimmermeer.

Joseph Scriven

Wat een Vriend hebben wij in Jezus, die al onze zonden en smarten wou dragen! Wat een voorrecht om alles in gebed tot God te brengen!

Ironisch genoeg verdronk Joseph Scriven in 1886 in een Canadees meer. Hij leefde niet lang genoeg om er getuige van te zijn dat zijn lied naar alle uithoeken van de wereld werd gedragen, en hij had ook nooit kunnen vermoeden dat we het vandaag over hem en die woorden zouden hebben.

We leven in gekke tijden, maar wat er ook in je leven gebeurt, weet dat er iemand is die smoorverliefd op je is en altijd klaar staat om je te ontmoeten en troost te bieden. Feitelijk is Jezus zo verliefd op jou dat hij het bewees door voor jou te sterven… 

“Niemand heeft grotere liefde dan deze, dat hij zijn leven geeft voor zijn vrienden.”

Johannes15:13

Moge dit lied je aandacht vestigen op de grootste vriend aller tijden… Denk aan wat Hij deed voor jou. Is de vriendschap ook wederzijds?

Gezondheid is… 4

Als je ziet hoeveel mensen over hebben om dit tijdelijke, vergankelijke leven ook maar een beetje te verlengen, dan moet de gedachte aan een ‘eeuwig’ leven toch als muziek in de oren klinken? Het is waar, er zijn twee soorten mensen: mensen die berusten in dit korte leven, die er nu maximaal willen van genieten, zonder beperkingen. Alles moet mogelijk zijn. “Dat kunnen ze me in ieder geval al niet meer afnemen”… Meestal is het een misrekening, want of ze echt zoveel meer ‘genieten’ is de vraag en of de kwaliteit of de inhoud van dit verkorte leven zoveel intenser was, is een ander bediscussieerbaar punt. In feite moet er niets speciaals worden gedaan. Gewoon normaal, natuurlijk, gewoon. Feit is echter dat normaal nu abnormaal is en abnormaal veelal normaal… We hebben dat zo dikwijls gezien hoe gewoonten – hoe destructief ze ook zijn – gezien worden als normaal en hoe iemand die zich probeert los te maken uit dat patroon, wordt gezien als een rebel. Alles heeft zijn prijs. Voor de waarheid moet gestreden worden. Opkomen voor de waarheid vraagt durf, visie en geloof. Elke verandering ging gepaard met opofferingen en inzet. Iemand die zich in die arena begeeft, krijgt te maken met een tegenstander. Dan wordt duidelijk wat het betekent om een “overwinnend leven” te leiden. Daarom ben ik blij dat in het Nieuwe Start-programma ook het onderdeel “Geloof” zit. We kennen mensen die moesten gewicht verliezen, maar die tientallen vruchteloze pogingen hadden ondernomen. Maar toen ze er een geloofszaak van maakten, leidde het tot succes. De uitspraak van Dr Tilden: “Er is moed nodig om gezond te zijn.” zouden we dus kunnen aanvullen met “Er is geloof nodig om gezond te zijn.” Onthoud dat alles mogelijk is met geloof. Geloof wordt niet op een schoteltje aangereikt. Het wordt als een bundel spieren “gekweekt” door het verleggen van grenzen, ervaring op ervaring.

Het is voor veel mensen moeilijk om God te nemen op zijn woord. Veel mensen hun geest is bestormd met zoveel verwarrende gedachten, dat zij nog nauwelijks een eigen geloof kunnen vormen. Wat biedt God als middel tot genezing? De vraag waarom er zoveel verschillende christelijke kerken en waarom er zoveel tegenspraak is tussen al die groepen, is me zo dikwijls gesteld. Ooit bezorgde het me kopbrekers en veroorzaakte het opstandigheid. Waarom hebben godsdiensten zoveel aanleiding gegeven tot oorlogen? Wat een verschil met het optreden van Jezus die zei dat als je een klap krijgt op je ene wang, je de andere ook moet aanbieden. !

Het naleven van Jezus’ principes is geen kleinigheid en snel worden compromissen gemaakt. Ja, als je de Bijbel leest, zijn er al snel een aantal dingen die je niet goed uitkomen en waar je liefst een bocht omheen maakt. Je zoekt verontschuldiging en je sluit aan bij die groep die het beste verklaart waarom dit niet van toepassing is. In al die compromissen vinden we het ontstaan van al die verschillende groepen die 90 % van de waarheid nemen, maar 2, 5, 10 of meer % in twijfel trekken, of onderwijzen als achterhaald of veranderd. !

Gods Kerk heeft zich door de eeuwen heen gehandhaafd. Het is een “klein kuddeke” (Lucas 12:32), Neen, het zijn geen honderden miljoenen mensen, zelfs al goochelen wij graag met cijfers over christenen in de wereld. God is Zijn belofte altijd trouw gebleven, dat “de poorten van het dodenrijk zijn kerk niet zullen overweldigen”. (Matteüs 16:18)!

Als je aan mensen vraagt of Gods wet nog bindend is, krijg je meestal bevestiging. Alleen is die wet gewijzigd door mensen… En welke wet moet je dan houden? Het probleem is niet nieuw. Het belang van de wet zorgde voor een controverse van ongeveer 50 tot 200 n. Chr. Het werd niet opgelost tot het Concilie van Nicea (325 n. Chr.) en Laodicea (363 n. Chr.), toen de Romeinse staat er bij betrokken was. De essentie van het conflict werd bewaard in de confrontatie tussen Polycrates van Klein Azië en Victor, bisschop van Rome in 190 n. Chr. ” Victor van Rome probeerde later de kerken van Klein Azië te intimideren door zich aan te passen aan de praktijk van de Roomse (paas)zondag.” ” Polycrates schreef aan Victor: “Wij vieren de ware dag en voegen daar niets aan toe, noch nemen er niets van af. ! …Deze vierden allen op de veertiende dag het Pascha, volgens het evangelie, in geen enkel opzicht afwijkend, maar het voorschrift van het geloof volgend… en mijn familieleden vierden altijd de dag, waarop de mensen het gezuurde wegdeden. Daarom broeders, ik ben nu 65 jaar in de Heer en heb met de broeders in de wereld beraadslaagd en alle heilige Schriften bestudeerd en ben helemaal niet verontrust over die dingen waarmee ik word bedreigd om mij te intimideren. Want degenen, die groter zijn dan ik hebben gezegd, “Wij moeten God gehoorzamen in plaats van mensen“. (Eusebius, xxiv)!

Gezondheid is… 3

In het gedicht “de Leerling-Tovenaar” vertaalt de dichter het proefstuk waar de mens voor stond: het woord van God voor waar aannemen – zelfs al begreep men het niet in zijn geheel, maar erop vertrouwen dat God hiermee een hoger doel had :

“Waanzin dicht de ogen en noodt de ondergang,

herleidt wat eeuwig goed was tot oneindig kwaad

en trekt sporen van vernieling over ‘s mensen lieve aard’

God, sterker dan wat slechts een afdruk naar Hem is

slaat heimelijk ga de nar en weent bij ‘t zien

hoe de “ik-ben-god” in zijn eigen vallen trapt.”

SDW

Wat een Paradijs heeft hij geschapen! Hij heeft zich een leger dokters en verplegers opgeleid, royale ziekenhuis infrastructuur, mét cafetaria en rokershoek en diëtisten, een farmaceutische industrie die iedereen op vraag bedient met corrigerende remedies voor dat onvolmaakte en hulpeloze schepsel. Vanaf de wieg tot aan het graf, staan we onder bewaking en als een onderdeel het begeeft, is er iemand bereid om ons een ‘wisselstuk’ te lenen. Maar als de pijn, ellende en last hun climax bereiken, kijkt nog een oog betraand omhoog.

“Ach, als er een God had geweest… dan zou dit nooit zijn gebeurd… Daar is het bewijs geleverd. Het tranendal moet nu de negenproef zijn dat God dood is. Maar God leeft, en Zijn oog rust op de aarde, de enige plaats in het universum, waar verzet is tegen zijn hoge raadsbesluiten, als bewijs voor de eeuwigheid, waartoe dat leidt. Dat is wat God ons leert doorheen zijn woord. Hij waarschuwt ons ervoor dat er een leugenaar aan het werk is – hij die ooit de Engel des lichts was – die alles wat aan God doet denken vervalst. Vraag God om kracht, moed en durf, onderscheidingsvermogen en liefde voor alles wat van Hem is. Loof de Heere, zing Hem toe, om al zijn wonderbare werken. Mocht God je duidelijk maken wat goed en aangenaam is in Zijn ogen.

Gezondheid is… 2

Verminkt en geschonden komen we tot God. Er liggen eeuwen achter ons en generatie na generatie heeft zich bezondigd aan het verwaarlozen van Gods advies. We zochten het elders. Tenslotte werden we daarin zo knap en geperfectioneerd, dat we niets nog heel lieten van wat God had ingesteld. Toen Mozes Genesis schreef – zoals God het hem had opgedragen – werden de Israëlieten door God onderhouden in de woestijn en aten er het manna – het brood des hemels. Ook dat is merkwaardig, dat mensen kunnen onderhouden worden door slechts één voedingsmiddel. Dat is in strijd met alle moderne adviezen die ons leren om gevarieerd te eten – van alles wat, maar vooral van wat je nooit zou moeten eten… De tocht door de woestijn, veertig jaar, als een symbolische weergave van jouw en mijn leven hier op aarde – met hemels brood, manna, met woorden van eeuwig leven, zoals alleen Jezus die had… Ik weet niet hoe dat manna was, maar lees: “het was wit als korianderzaad en de smaak ervan was als die van een honigkoek.” Bovendien bedierf het snel. Dat doet me denken aan een zoete bes. Ze waren op weg naar het Beloofde Land – een land van melk en honing… Hoe lezen we dat met een bril van het jaar 2020? Een land van grote imkerijen en gigantische melkveehouderijen? Dat was het niet en dat werd het nooit. Het was beeldspraak om de overvloed aan te duiden, wat er gebeurt als een heel volk met God wil meewerken. Hoe alles ten goede meewerkt, als God op de eerste plaats staat. Ondanks alle voordelen, kwam God dikwijls op het onderste schap. Profeten werden erop uitgezonden met de boodschap “Keer terug tot Mij”. Hun boodschap was niet welkom, maar God liet het opschrijven, als een verslag voor de volgende generaties. Die tijden zijn we ontgroeid. Vandaag bekijken we het rationeel, wetenschappelijk. Alles wat we deden, was “verbeteren.” De Schepper had zich vergist of het was onvolmaakt. We sleutelden aan formules en ontfutselden de natuurlijke grendels. Maar de leerling-tovenaar was blind voor de gevolgen. Hij zag plagen en problemen, maar die hadden niets te maken met het voorgaande. Dat waren nieuwe uitdagingen en die moesten de kop ingedrukt worden?

Gezondheid is 1

We hebben allemaal een definitie over wat gezond en wat ongezond is, maar het is merkwaardig hoe tegenstrijdig die inzichten kunnen zijn. De adviezen die in de wereld rondgaan volgen bepaalde ‘modes’. Wat vandaag zo geprezen wordt, kan morgen verguisd worden. Dat is een vreemde gang van zaken en ik stel me daar al heel mijn leven lang vragen bij. Hoe kan iets dat zo essentieel is voor het menselijk bestaan, zo onderhevig zijn aan speculatie – en de voorbije honderd jaar aan vervalsing – dat de meesten niet meer weten wat hun Schepper aanbiedt voor het in goede staat houden van het lichaam? Dat is God: bij de schepping duidde Hij voor elk levend wezen zijn voeding aan. Voor de mens – het kroonstuk van zijn schepping, waarin God alles van Zichzelf legde – verkoos God het beste wat er van voeding op de wereld bestaat – vruchten. Schilders hebben prachtige schilderijen gemaakt, soms met een poging om er de betoverende schoonheid van het paradijs in te verweven. George Malkmus verwoordde dat jarenlang in zijn tijdschrift “Back to the Garden” of “Terug naar dé Tuin”. Dat is het opzet van God. Daar wil God jou en mij naartoe. Dat is wat de Bijbel duidelijk maakt. En nadat God alles duidelijk gemaakt heeft, en niet alleen met woorden, maar door het geven van zijn eigen Zoon, zegt Hij: “wat had Ik nog meer kunnen doen?” Het eerste paradijs is teniet gegaan, maar ons streven is naar de vernieuwde Tuin, waar de vloek van de zonde niet meer zal zijn. Stel je voor, een echte wereld waar elk woord waarheid is, waar je vrij kunt spreken, waar de tijd geen rol meer speelt, waar geen bloed meer wordt vergoten, waar geen dieren meer moeten sterven om andere in leven te houden. Klinkt het sentimenteel? Zo ben ik. Daar droom ik van. En ondertussen oefen ik me al een beetje om “Wat ik ook eet of drink te doen ter ere Gods.” Dat omvat heel veel, maar vooral veel respect voor alles, wat we slechts gebruiken als rentmeesters in afwachting van het échte…